Bangladesh heeft dinsdag een tweede groep Rohingya's verplaatst van overvolle vluchtelingenkampen naar een nieuw onderkomen op een afgelegen eiland. Mensenrechtenorganisaties maken zich nog steeds grote zorgen over de nieuwe locatie, omdat deze zeer kwetsbaar zou zijn voor stormen.

De marine heeft dinsdag met vijf schepen 1.804 Rohingya's, een moslimminderheid, naar het eiland Bhasan Char gebracht. De eerste groep van 1.642 personen werd begin december verplaatst.

Bhasan Char wordt door de regering gezien als een oplossing voor de overvolle vluchtelingenkampen bij de grens met Myanmar. In de kampen leven ruim een miljoen Rohingya's. Ze zijn Myanmar ontvlucht vanwege geweld tegen de etnische minderheid.

Op Bhasan Char zijn volgens de autoriteiten faciliteiten gebouwd voor zo'n honderdduizend vluchtelingen. Naast huizen is er bijvoorbeeld een dijk aangelegd om overstromingen te voorkomen.

Hulporganisaties maken zich zorgen over de locatie, omdat het eiland in de Golf van Bengalen gevoelig is voor overstromingen. Volgens de autoriteiten is het eiland door de aanpassingen echter "volkomen veilig".

Beschuldigingen vanuit Rohingya-gemeenschap

De verhuizing is volgens de regering vrijwillig, maar meerdere vluchtelingen uit de eerste groep zeggen te zijn gedwongen. Amnesty International zet vraagtekens bij de verplaatsingen vanwege de beschuldigingen vanuit de Rohingya-gemeenschap en een gebrek aan transparantie.

De Verenigde Naties zeggen niet betrokken te zijn geweest bij de verplaatsing van de Rohingya's, maar roepen de regering op ervoor te zorgen dat geen enkele vluchteling gedwongen wordt naar het eiland Bhasan Char te verhuizen.

Opnieuw honderden Rohingya's naar afgelegen eiland verplaatst
66
Opnieuw honderden Rohingya's naar afgelegen eiland verplaatst