Gewapende mannen hebben woensdag meer dan honderd mensen gedood in een dorp in de Ethiopische regio Benishangul-Gumuz, zo maakt de mensenrechtencommissie van het land bekend. Het gebied in het westen van Ethiopië gaat al langere tijd gebukt onder geweld tussen verschillende etnische groeperingen.

De lokale autoriteiten zijn op de hoogte gesteld van de aanval en zeggen onderzoek te doen naar de identiteit van de slachtoffers. Het is nog niet bekend wie verantwoordelijk is voor de slachtpartij.

De aanval kwam een dag nadat de Ethiopische premier en Nobelprijswinnaar Abiy Ahmed Benishangul-Gumuz bezocht om zo de onrust in het gebied een halt toe te roepen. De afgelopen maanden vonden in de regio meerdere dodelijke incidenten plaats. Zo vielen gewapende mannen op 14 november een passagiersbus aan en doodden ze daarbij 34 mensen.

Het incident in Benishangul-Gumuz lijkt vooralsnog los te staan van het conflict in Tigray. In de regio in het noorden van Ethiopië wordt al sinds 4 november gevochten tussen het Tigray People's Liberation Front en de overheid. Hulporganisaties schatten dat het conflict al enkele duizenden mensen het leven heeft gekost. Tienduizenden inwoners van de regio zijn inmiddels vanuit Tigray naar buurland Soedan gevlucht.

De recente oplaaiing van het conflict in Tigray heeft ook de onrust in de rest van het land aangewakkerd. "De wens van vijanden om Ethiopië te verdelen in etnische en religieuze gebieden bestaat nog steeds, maar dit verlangen blijft onvervuld", twitterde Ahmed na zijn bezoek aan Benishangul-Gumuz.