Het parlement van Nicaragua heeft maandag een omstreden wet doorgevoerd die het oppositieleden onmogelijk maakt om zich kandidaat te stellen voor de verkiezingen in 2021. Het wetsvoorstel was ingediend door de sandinistische regeringspartij FSLN, die een grote meerderheid in het parlement van het Midden-Amerikaanse land heeft.

Het aannemen van de omstreden wet is een volgende stap in de ondemocratische richting van de linkse regering van president Daniel Ortega. Toen er in 2018 massaal protesten tegen zijn regering uitbraken, beschuldigde hij de demonstranten ervan dat zij een staatsgreep wilden plegen en maakte hij hen uit voor "terroristen".

De autoritaire regering van de voormalige revolutionair Ortega is sinds 2007 aan de macht. Zijn echtgenote Rosario Murillo is inmiddels vicepresident van het land.

De regering is steeds harder gaan optreden tegen critici en onafhankelijke journalisten. Bij onlusten in het Midden-Amerikaanse land na een door president Ortega voorgenomen herziening van de sociale zekerheid zijn volgens mensenrechtenorganisaties sinds april 2018 minstens vijfhonderd mensen omgekomen. Ook zitten volgens de EU honderden mensen ten onrechte achter tralies.

Een rechter in Nicaragua veroordeelde een van de leiders van de oppositie onder de bevolking begin 2019 tot 216 jaar celstraf. Medardo Mairena werd schuldig bevonden aan terrorisme en deelname aan georganiseerde misdaad en kreeg drie keer levenslang. Mairena mag de gevangenis niet voor 2048 verlaten.

De verkiezingen staan voor november volgend jaar gepland. Ortega wil dan aan zijn derde ambtstermijn beginnen.