Veertien personen hebben woensdag tot levenslange celstraffen gekregen voor hun betrokkenheid bij de aanslagen op de redactie van Charlie Hebdo en een koosjere supermarkt in Parijs. Het gaat om onder anderen mensen die hebben geholpen met de voorbereidingen.

De uitvoerders van de aanslagen zijn kort na hun daden buiten Parijs door de politie doodgeschoten. Drie andere hoofdverdachten zijn nog altijd voortvluchtig.

Ali Riza Polat, die als een van de belangrijkste voorbereiders wordt gezien en onder meer de wapens had geregeld, heeft dertig jaar gevangenisstraf opgelegd gekregen. Hij heeft tijdens de zittingen alle aantijgingen ontkend.

Onder de veroordeelden is ook de partner van een van de daders. De voortvluchtige Hayat Boumeddiene heeft bij verstek een celstraf van dertig jaar opgelegd gekregen. Zij is schuldig bevonden aan betrokkenheid bij de terroristische aanslagen en het financieren hiervan. Het vermoeden is dat zij zich in Syrië heeft aangesloten bij IS.

De twee andere voortvluchtigen zijn Mohamed Belhoucine en zijn jongere broer Mehdi. Mohamed zou een van de daders hebben ondersteund en een religieuze mentor zijn geweest. Hij heeft een levenslange gevangenisstraf opgelegd gekregen. Zijn jongere broer heeft Boumeddiene geholpen met ontsnappen.

Bij de aanslag op Charlie Hebdo drongen de broers Chérif en Saïd Kouachi op 7 januari het pand van de redactie binnen en vermoordden ze elf mensen. Buiten schoten ze een politieagent dood. "Je suis Charlie" (ik ben Charlie) werd wereldwijd een steunbetuiging aan de slachtoffers.

Op 8 januari vermoordde Amedy Coulibaly een politieagent in een buitenwijk van Parijs. Een dag later schoot hij vier gijzelaars dood in een koosjere supermarkt.