De Ethiopische premier Abiy Ahmed prees maandag zijn strijdkrachten voor de overwinning op de opstandelingen in de noordelijke regio Tigray. Maar de leider van bevrijdingsfront TPLF zegt dat zijn beweging doorvecht, wat de vrees voor een slepend guerrillaconflict aanwakkert.

Beide strijdende partijen in Tigray spreken over honderden dodelijke slachtoffers. Diplomaten denken dat de werkelijke tol in de duizenden loopt.

Het conflict zorgde voor een vluchtelingenstroom richting Soedan, betrokkenheid van Eritrea, gevolgen voor een vredesmissie in Somalië en groeiende etnische spanningen in andere delen van Ethiopië.

De troepen van premier Abiy veroverden afgelopen weekend Mekelle, de hoofdstad van Tigray, en riepen de eindoverwinning uit.

Abiy vergeleek het conflict met de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865). "Onze grondwet werd aangevallen, maar het kostte ons geen drie jaar, het kostte ons drie weken", zei hij in het Ethiopische parlement.

"Ons leger is gedisciplineerd en heeft gezegevierd", aldus de premier, die eraan toevoegde dat het regeringsleger geen burgerslachtoffers heeft gemaakt en Mekelle niet heeft beschadigd.

TLPF-leider zegt nog steeds te vechten

De 500.000 inwoners tellende stad Mekelle lijkt zonder veel verzet in handen van de landelijke regering te zijn gekomen. Maar TPLF beweert een vliegtuig te hebben neergeschoten, een stadje te hebben heroverd en nog steeds te vechten.

TPLF-leider Debretsion Gebremichael, een 57-jarige voormalige radio-operator, weersprak het gerucht dat hij naar Zuid-Soedan is gevlucht en zei dat zijn troepen enkele soldaten uit het naburige Eritrea op zo'n 50 kilometer ten noorden van Mekelle gevangen hebben genomen. "Ik ben bij Mekelle in de buurt aan het vechten tegen de indringers", liet hij per sms aan persbureau Reuters weten.

De regering van Eritrea heeft nog niet gereageerd op de claim van TPLF. Aan het begin van de oorlog ontkende het land betrokkenheid.

TPLF heeft het vliegveld van de Eritrese hoofdstad Asmara beschoten met artillerie en het buurland ervan beschuldigd troepen te sturen om mee te vechten met het Ethiopische regeringsleger.

Een woordvoerder van premier Abiy wees de bewering van TPLF-leider Gebremichael van de hand. "Het volgen van en reageren op de vele waanbeelden van een criminele kliek die uit elkaar valt en irrelevant is geworden, is niet waar onze focus ligt."

Internationale analisten vrezen echter dat de opstelling van TPLF een voorbode van een langdurig conflict is. TPLF begon als een guerrillabeweging, die in 1991 hielp de marxistische dictatuur omver te werpen, en is goed thuis in het bergachtige landschap van Tigray en langs de grenzen met Eritrea en Soedan.

"Hoewel niet duidelijk is in hoeverre de Tigrayse militaire macht door het conflict is verzwakt, kan gewapend verzet tegen de federale regering worden gesteund door grote delen van de regionale overheid en het partijapparaat van TPLF - inclusief lokale milities - en door andere Tigrayse nationalistische elementen", zei analist William Davison van International Crisis Group.

Toenemend etnisch geweld in Ethiopië

Bij zijn aantreden als premier in 2018 zwoer Abiy de 115 miljoen inwoners van Ethiopië te zullen verenigen. Desondanks vonden sindsdien verschillende oprispingen van etnisch geweld plaats, die honderdduizenden mensen op de vlucht joegen.

Vanwege een vredesverdrag met Eritrea won Abiy vorig jaar de Nobelprijs voor de Vrede.

Het is moeilijk om beweringen over de situatie in Tigray van beide kampen onafhankelijk te verifiëren. Telefoon- en internetverbindingen in de regio zijn grotendeels platgelegd en de toegang tot het gebied wordt streng gecontroleerd.