Armenië en Azerbeidzjan leggen tijdelijk de wapens neer in het conflict over de regio Nagorno-Karabach, meldt de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergey Lavrov in de nacht van vrijdag op zaterdag. Het staakt-het-vuren geldt vanaf zaterdag 12.00 uur en moet beide landen de gelegenheid geven om krijgsgevangenen en doden uit te wisselen.

Rusland, lid van de Minsk-groep van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, bemiddelde de wapenstilstand tussen de twee partijen in Moskou. De landen kwamen tot het akkoord na ruim tien uur onderhandelen in Moskou.

Volgens Lavrov hebben de landen tevens toegezegd eerste stappen te zetten in de vredesonderhandelingen over het conflict. Hoewel het om een tijdelijke wapenstilstand gaat, is het een onverwachte ontwikkeling in het conflict dat de laatste twee weken alleen maar escaleerde.

De Minsk-groep, waarin naast Rusland ook de Verenigde Staten en Frankrijk vertegenwoordigd zijn, onderhandelde ook begin jaren negentig, toen er oorlog uitbrak tussen de twee landen, en in 2016, toen het conflict voor het laatst escaleerde.

Op uitnodiging van Rusland reisden de ministers van Buitenlandse Zaken van Armenië en Azerbeidzjan vrijdag af naar Moskou om over het conflict te praten.

Onduidelijkheid over duur van wapenstilstand

Het is niet bekend hoelang de wapenstilstand precies gaat duren. Azerbeidzjan zei eerder nog geen concessies te willen doen in het conflict en het gebied te willen heroveren. In Nagorno-Karabach vechten momenteel voornamelijk Armeense separatisten, maar die kunnen vaak lastig op tegen het modernere wapentuig van de Azeri's, die steun krijgen van Turkije.

Door tegenstrijdige informatie vanuit de twee kampen is het lastig om informatie over bijvoorbeeld slachtoffers te verifiëren. Exacte dodentallen zijn dan ook niet bekend. Wel is duidelijk dat die naar schatting al in de honderden lopen.

De hoofdstad van Nagorno-Karabach, Stepanakert, werd in de afgelopen week hevig gebombardeerd. Daarbij werd veel schade aangericht en vielen mogelijk ook burgerslachtoffers. In Nagorno-Karabach wonen ongeveer 150.000 mensen.

Momenteel wordt er nog gevochten langs de oostelijke grenzen van Nagorno-Karabach en ten noorden van de Iraanse grens. (Infografiek: NU.nl/Joris Knikkink)

Huidige gevechten in regio hevigste in jaren

Sinds twee weken voeren Armenië en Azerbeidzjan opnieuw zware gevechten in de afgescheiden regio Nagorno-Karabach.

Het gebied ligt geheel binnen de internationaal erkende Azerbeidzjaanse grenzen, maar heeft een overwegend etnisch Armeense bevolking, die na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie de onafhankelijkheid heeft uitgeroepen als de Republiek Nagorno-Karabach (ook wel de Republiek Artsach).

Dat leidde tot een oorlog, die in 1994 eindigde met een staakt-het-vuren. Tot een permanente vredesovereenkomst kwam het nooit. Sindsdien vonden er regelmatig schermutselingen plaats. De huidige gevechten, die eind september zijn begonnen, zijn de hevigste sinds de oorlog van begin jaren negentig.

Zowel Armenië als Azerbeidzjan beschuldigt de tegenstander van artilleriebeschietingen op burgerdoelwitten. Tienduizenden burgers aan beide kanten zijn inmiddels op de vlucht geslagen voor het geweld.