De Verenigde Staten hebben Carrie Lam, de leider van Hongkong, vrijdag sancties opgelegd. Ook meerdere huidige en voormalige politiechefs en acht andere officieren hebben sancties opgelegd gekregen vanwege het inperken van de politieke vrijheid in Hongkong.

De sancties houden in dat al het bezit van de Hongkongse vertegenwoordigers in de VS wordt bevroren en dat Amerikanen in de meeste gevallen geen zaken meer met hen mogen doen.

De Amerikaanse president Donald Trump tekende vorige maand al een decreet waarin hij de mogelijkheid tot het opleggen van sancties vastlegde. Via het decreet wil Trump China straffen, omdat het land de bevolking van Hongkong zou onderdrukken via de omstreden veiligheidswet.

Het Chinese volkscongres nam begin juli een veiligheidswet aan, waardoor Peking meer invloed krijgt in Hongkong. De wet stelt China in staat om harder op te treden tegen oppositiepolitici en activisten.

Meerdere landen hebben hun uitleveringsverdrag met Hongkong opgeschort vanwege de wet. De VS zette daarnaast de voorkeursbehandeling die Hongkong van het land kreeg stop.

VS: 'Veiligheidswet is draconisch'

In een statement van het Amerikaanse ministerie van Financiën stelt de VS dat de "draconische" veiligheidswet van Peking de autonomie van Hongkong ondermijnt en het volk censureert. Volgens de VS is Lam als leider daarnaast direct verantwoordelijk voor het uitvoeren van Pekings beleid waarbij "vrijheid en democratische processen onderdrukt worden".

Vorige maand kondigde Lam aan dat de verkiezingen in Hongkong met een jaar worden uitgesteld. Volgens de Hongkongse leider is de coronapandemie hier de aanleiding voor, maar volgens de VS is het een poging van Peking om de democratie in Hongkong te ondermijnen. Het uitstellen van de verkiezingen zou voor de VS een nieuwe aanleiding hebben gevormd om de sancties nu op te leggen.