Op 6 augustus is het 75 jaar geleden dat een Amerikaanse bommenwerper een atoombom liet vallen boven de Japanse stad Hiroshima. Sindsdien wordt het debat gevoerd of deze oorlogsdaad gerechtvaardigd was. Twee perspectieven om deze kwestie te bekijken.

Perspectief I: De bom om een groter bloedbad te voorkomen

Ter voorbereiding op de invasie van Japan in 1945 maakten de Amerikanen bijna een half miljoen Purple Hearts. Die onderscheiding krijgen Amerikaanse militairen als ze gewond raken of sterven in de strijd. Het is slechts een kleine indicatie van de enorme slachting die de invasie van Japan, ook bekend als 'Operatie Downfall', zou worden.

Maar de invasie van Japan bleek uiteindelijk onnodig, omdat Japan zich na (onder meer) atoombommen op Hiroshima en Nagasaki overgaf. De Purple Hearts bleven in een magazijn liggen.

De strijd om de Japanse hoofdeilanden zou een enorm bloedbad worden; die conclusie konden de geallieerden wel trekken na het veroveren van eilanden als Iwo Jima en Okinawa. Daar komt nog bij dat de Japanse regering de complete bevolking (circa 70 miljoen mensen) wilde mobiliseren om zich tegen de invasie te verzetten.

Gepropageerd werd dat het een grote eer was om te sterven voor de keizer, wat de Japanse militairen al langer in groten getale deden.

Japanse soldaten geven zich niet over

Tijdens de bikkelharde strijd van eiland tot eiland die in de jaren voor de 'bom' was gevoerd, kregen Amerikaanse soldaten vooral te maken met Japanners die zichzelf liever doodvochten dan overgaven.

Neem het piepkleine atol Eniwetok, waarop in zes dagen strijd 3.380 van het 3.500 soldaten tellende Japanse garnizoen de dood vonden nadat de Amerikanen er landden. Of Tinian, waar 242 van de 8.039 Japanners zich overgaven. Vanaf dit eiland stegen de bommenwerpers in 1945 op met de atoomwapens voor Hiroshima en Nagasaki.

De Japanners hanteerden in een later stadium van de oorlog de tactiek zich midden op een eiland in te graven. Het enige doel was om te vertragen en de strijd voor de Amerikanen zo kostbaar en lang mogelijk te maken. Vooral de zich dood houdende Japanse soldaat was berucht, die zodra Amerikanen dichtbij kwamen een handgranaat liet afgaan om nog wat extra zielen met zich mee de dood in te sleuren.

Die opoffering was ook de drijfveer achter de kamikazeaanvallen, waarbij jonge Japanse piloten zich op geallieerde schepen stortten. Dat deden ze ook met zelfmoordboten en menselijke torpedo's. Sterven voor de keizer als hoger doel op zich.

Het lijdt geen twijfel dat kamikazeaanvallen een groot onderdeel zijn geweest van de verdediging van Japan zelf. Dat opgeteld bij een meevechtende bevolking en de Japanse volharding betekende hoe dan ook een groot aantal slachtoffers onder de geallieerde troepen.

Een begraafplaats voor Amerikaanse militairen op het eiland Iwo Jima in de Grote Oceaan. (Foto: Getty Images)

De slag om Okinawa was een voorbode voor de slag om Japan

De bijna drie maanden durende slag om Okinawa, die op 21 juni 1945 werd beëindigd, wordt door historici gezien als belangrijke drijfveer voor de inzet van de atoombommen. De Amerikanen verloren hier naar schatting tot 12.000 manschappen, terwijl 100.000 Japanse soldaten de dood vonden. Ook onder de burgerbevolking was de slachting groot. Naar schatting 100.000 inwoners van het eiland kwamen om bij de gevechten of door gedwongen zelfmoord door het Japanse leger. Okinawa had voor de slag een geschatte bevolking van 300.000 inwoners.

Er is niet veel fantasie nodig om dit bloedbad als een klein voorgerecht voor de uiteindelijke slag om Japan te zien. De Amerikanen wilden de Japanners daarom met de atoombommen versneld tot overgave dwingen. Dan laten we redenen als de vaak barbaarse wijze waarop de Japanse militairen tekeergingen in de bezette gebieden en hun omgang met bijvoorbeeld krijgsgevangenen nog buiten beschouwing.

Een Japans kamikazevliegtuig boort zich in het Amerikaanse slagschip USS Missouri tijdens de slag om Okinawa. (Foto: Getty Images)

Perspectief II: Burgers mogen nooit een doelwit op zich zijn

Tegelijkertijd was de Japanse bevolking al in de jaren dertig een oorlog in gerommeld door een leger dat niet helemaal onder controle van de overheid stond, en een overheid die tegelijkertijd van de Japanse keizer een soort goddelijke persoon had gemaakt. Van een keuze door een democratisch gekozen regering en leider was geen sprake.

Japan was in de maanden voorafgaand aan de atoombom op Hiroshima al systematisch platgebombardeerd door de Amerikanen. Berucht is het bombardement op Tokio in maart 1945, waarbij tot 100.000 voornamelijk Japanse burgers om het leven kwamen.

De Amerikanen hadden in de strijd met nazi-Duitsland nadrukkelijk de doctrine om geen burgers te bombarderen en keken neer op de Britten, die dit wel deden.

Tegen de Japanse steden werden terreurbombardementen om verschillende redenen niet geschuwd, met als doel het moraal van de bevolking te breken. Terwijl uit de soortgelijke Britse campagne tegen de Duitse bevolking al bleek dat dit weinig effect had.

Japan hoopte tot op het laatste moment op een wapenstilstand of andere vredesovereenkomst met de geallieerden, terwijl die al hadden besloten dat alleen de absolute overgave - net als in nazi-Duitsland - voldoende was.

Binnen de Japanse regering hadden de haviken het voor het zeggen, en die wilden zich onder geen beding overgeven. De Japanse keizer Hirohito bemoeide zich er (vooralsnog) niet mee. Ondertussen regende het regelmatig bommen op de Japanse steden.

Verwoesting in Tokio na een Amerikaans bombardement in maart 1945. (Foto: Getty Images)

Little Boy maakt van Hiroshima een nooit eerder vertoond inferno

Op 6 augustus 1945 zetten de Amerikanen het volgende klapstuk in met de uraniumbom Little Boy, die boven het stadscentrum van Hiroshima tot ontploffing werd gebracht.

Bij de explosie en de daarop volgende vuurstorm kwam direct een derde van de bevolking van Hiroshima om het leven. Dit waren naar schatting 70.000 tot 80.000 mensen. Een soortgelijk aantal raakte - vaak op gruwelijke wijze - gewond.

Maar erger dan cijfers zijn de verhalen over mensen die letterlijk verdampten door de hitte, gekrompen en verkoold terug werden gevonden, of van wie slechts een soort schaduw terug te vinden was op de stoep in Hiroshima. Vogels vlogen in de lucht in brand, net als het overgrote deel van de stad.

Mensen die op de vlucht voor de vuurstorm in het water sprongen werden levend gekookt. In de maanden na 6 augustus vonden nog eens tienduizenden de dood als gevolg van stralingsziekte en ander vreselijk letsel dat ze door de bom hadden opgelopen. Het overgrote deel van de slachtoffers was burger, geen militair.

De 'schaduw' van een slachtoffer van de atoombom op Hiroshima. Van veel van de doden werd nooit meer iets teruggevonden. (Foto: Getty Images)

Kwam de Japanse overgave wel door de atoombommen?

Nadat drie dagen later boven Nagasaki de plutoniumbom Fat Man was ontploft, gaf Japan zich op 14 augustus dan toch over. Het is logisch om te denken dat die overgave een direct gevolg was van de twee atoombommen en het Amerikaanse dreigement tot meer verwoesting.

Maar tegelijkertijd had ook de Sovjet-Unie Japan de oorlog verklaard en was dat land begonnen de keizerlijke troepen te verdrijven uit Mantsjoerije (in het hedendaagse China). Verschillende historici zien dit als een belangrijkere aanleiding voor de Japanse overgave dan de atoombommen.

Verdere kritiek op de bommen op Hiroshima en Nagasaki is dat ze vooral werden ingezet om de miljarden die de Amerikanen in het zogeheten Manhattan-project hadden gestopt te rechtvaardigen. En om indruk te maken op de Sovjet-Unie, die zich steeds meer manifesteerde als tweede grootmacht op het wereldtoneel.

Het is donderdag 75 jaar geleden dat de eerste atoombom militair werd ingezet. Het debat over of dat terecht was, kan nog wel 75 jaar of langer duren.

Het verhaal van de Japanner die twee atoombommen overleefde
216
Het verhaal van de Japanner die twee atoombommen overleefde