Joshua Wong en elf andere prodemocraten mogen niet meedoen aan de parlementsverkiezingen in Hongkong. Ze zijn gediskwalificeerd omdat ze met hun gedrag "niet echt" achter de minigrondwet kunnen staan, aldus de regering donderdag.

De regering zegt dat onder meer streven naar zelfbeschikking, het indienen van verzoeken tot interventie bij buitenlandse regeringen en "principieel bezwaar maken" tegen de nieuwe veiligheidswet acties zijn die niet in lijn zijn met de zogeheten basiswet, een soort minigrondwet.

De 23-jarige Wong is al jaren belangrijk voor de prodemocratische beweging in Hongkong. Nadat hij met medescholieren in 2012 een Chinees onderwijsplan wist tegen te houden, was hij twee jaar later het gezicht van de zogenoemde parapluprotesten voor volledig democratisch kiesrecht.

Het kiesstelsel van Hongkong werkt anders dan dat van Nederland. Slechts een deel van de leden van het parlement wordt direct door het volk gekozen. Daarnaast wordt de leider van de Chinese regio gekozen uit een aantal door Peking voorgedragen kandidaten.

Mogelijk meer kandidaten uitgesloten van deelname

De Hongkongse regering sluit niet uit dat meer personen niet mee mogen doen aan de verkiezingen op 6 september. Er worden momenteel namelijk nog meerdere aanmeldingen beoordeeld. Hoeveel dit er zijn, is niet bekend.

De aankomende verkiezingen verlopen volgens de regering volledig in overeenstemming met de basiswet."Er is geen sprake van enige politieke censuur, beperking van de vrijheid van meningsuiting of ontzegging van het verkiezingsrecht."

De parlementsverkiezingen zijn de eerste, sinds vorig jaar grote antiregeringsprotesten uitbraken. Bij de districtsverkiezingen van november 2019 behaalde het democratische kamp een grote overwinning op de kandidaten die Peking gunstig gezind zijn. Deze historische stembusgang wordt ook wel gezien als een referendum over het handelen van de regionale regering.

Wong was de enige kandidaat die niet mocht meedoen aan de districtsverkiezingen. Hij probeerde op negentienjarige leeftijd ook al mee te doen aan de parlementsverkiezingen, maar was volgens de wet nog niet oud genoeg. Via de rechtbank probeerde hij tevergeefs de leeftijdsgrens van 21 jaar te verlagen.