Demonstranten in Mali zijn vrijdagavond tijdens grote protesten in de hoofdstad Bamako het gebouw van de staatsomroep ORTM binnengedrongen. Dat meldt BBC News. De omroep werd gedwongen om zijn uitzending te staken en uit de lucht te gaan.

Andere demonstranten probeerden het lagerhuis van het parlement in Bamako binnen te dringen, verschillende wegen werden geblokkeerd en er vonden plunderingen plaats. Bronnen melden dat zeker één persoon om het leven zou zijn gekomen. De politie heeft schoten gelost en traangas afgevuurd om de betogers uiteen te drijven.

Het is de derde keer sinds juni dat duizenden demonstranten in Bamako de straat op zijn gegaan. Ze eisten eerder onder meer het aftreden van de president Ibrahim Boubacar Keita. Ook is er frustratie over een economische crisis en omstreden verkiezingen in het land.

De frustratie tegenover Keita is recentelijk gegroeid door de onveilige situatie in het noorden van Mali, de uitbraak van COVID-19 en recente onderwijsstakingen.

Betogers eisen niet langer aftreden van president

De oppositiecoalitie in Mali liet deze week weten dat het niet langer het aftreden van de president eist. Wel willen ze nog steeds hervormingen. Verschillende toezeggingen van Keita, waaronder toestemming om een eenheidsregering te vormen, werden afgewezen.

In het noordoosten van Mali is het al tijden onrustig. Verschillende strijdkrachten die banden hebben met de terreurgroepen IS en Al Qaeda plegen vaak aanslagen op het leger.

Tot mei vorig jaar waren ook Nederlandse militairen aanwezig in Mali, die deel uitmaakten van een vredesmissie van de Verenigde Naties. De troepen werden teruggetrokken omdat het ministerie van Defensie zich wilde richten op de missies in Irak en Afghanistan. Frankrijk is nog wel actief in het Noord-Afrikaanse land.