Het gaat snel bergafwaarts met de economie van Curaçao sinds er coronamaatregelen van kracht zijn. Het wegblijven van toeristen leidt tot grote armoede en honger op het Caribische eiland, vertellen lokale hulpverleners in gesprek met NU.nl. Dat er mogelijk geen financiële steun komt vanuit Nederland baart dan ook grote zorgen.

"De armoede was er al, maar wordt steeds schrijnender", zegt Ivonne Christiaan van Stichting Shimaruku. Met haar organisatie voorziet ze kinderen die in Ser'i Papaya wonen, een van de armste wijken van Curaçao, van warme maaltijden. "Steeds minder ouders hebben daar genoeg geld voor."

Door de coronamaatregelen kan de stichting niet meer op school of in het buurtcentrum koken. "Daarom zijn we voedselpakketten gaan uitdelen, zodat de ouders zelf voor hun kinderen eten kunnen maken." Ook geeft de stichting sinds kort babyvoeding aan jonge ouders, die het vaak niet meer kunnen betalen. "Melkpoeder is hier peperduur."

Toen de coronamaatregelen net van kracht waren, leverde stichting Shimaruku met een volgeladen pick-up voedselpakketten af bij zo'n zeventig gezinnen in de wijk. Dat aantal nam snel met meer dan de helft toe. "Er is zoveel honger dat een groot deel van deze mensen - naast bij ons - ook bij de voedselbank stond ingeschreven."

Een vrijwilliger deelt voedselpakketten uit in Ser'i Papaya. (Foto: Stichting Shimaruku)

Meer dan de helft van Curaçao afhankelijk van voedselhulp

Op het eiland zijn er meerdere stichtingen die voedselpakketten rondbrengen. Naar schatting is inmiddels meer dan de helft van de bevolking van Curaçao, ruim 80.000 mensen, afhankelijk van voedselhulp.

Nederland financiert een groot deel van deze voedselpakketten via het Rode Kruis. De stichting van Christiaan krijgt geen subsidie en is afhankelijk van donaties van particulieren.

Voedsel is echter niet het enige probleem, benadrukt Christiaan. Zo kunnen jongeren dakloos raken door de armoede, terwijl Curaçao de afgelopen jaren juist op opvang heeft gekort.

De inhoud van een voedselpakket. (Foto: Stichting Shimaruku)

"Armoede brengt psychologische problemen met zich mee"

Coraline Kooistra van de Stichting Tegen Kindermishandeling, die in samenwerking met de Crisis Bank al 8.000 voedselpakketten heeft uitgedeeld aan arme gezinnen, beaamt het verhaal van Christiaan. "Curaçao lijkt van buiten een paradijs maar is de afgelopen jaren allesbehalve dat."

"Voor de coronacrisis was er al een vervelende situatie waarbij een heleboel kinderen met lege maag naar school en weer naar bed gingen. Sinds de coronacrisis is dit vijf of zelfs tien keer zo erg geworden. Ik ben de afgelopen weken meerdere vermagerde kinderen tegengekomen", vertelt Kooistra aangeslagen.

Volgens haar worden kinderen door de armoede ook vaker mishandeld. "Armoede brengt weer verschillende psychologische problemen met zich mee. Mensen zijn gefrustreerd en soms agressief omdat ze geen inkomsten meer hebben."

Een lokale supermarkt doneert voedsel aan de Crisis Bank. (Foto: Crisis Bank)

"Als de hulp stopt, dan gaan we down the drain"

Maar wat is volgens de hulpverleners de oplossing voor het probleem? Volgens Christiaan komt het niet goed met het land als er geen nieuw noodpakket van Nederland komt. "Als de hulp stopt, dan gaan we down the drain. Dat overleven we simpelweg niet."

Of er een noodsteunpakket komt, is echter nog onzeker. Minister-president Eugene Rhuggenaath zegt niet akkoord te kunnen gaan met de voorwaarden die Nederland stelt. In ruil voor miljoenen euro's noodsteun zou Curaçao onder andere bezuinigingen moeten doorvoeren. Deze houden onder meer in dat ambtenaren 12,5 procent minder gaan verdienen. Eerder aangekondigde bezuinigingen resulteerden al in rellen.

Ook Kooistra ziet een nieuw steunpakket als een van de weinige oplossingen. "We wonen in een land waar mensen honger hebben, dus moeten we onze trots aan de kant zetten en bepalen wat het eiland echt nodig heeft." Wel ziet ze positieve ontwikkelingen, nu er tweeduizend toeristen per week worden toegelaten en sommige mensen weer een baan hebben.

"Maar de coronacrisis is nog lang niet voorbij. Met de komst van toeristen lopen we risico dat meer mensen geïnfecteerd raken. We moeten ons dus echt aan de regels blijven houden."