De strafzaak tegen de Israëlische premier Benjamin Netanyahu gaat zondag van start. De zeventigjarige premier wordt verdacht van corruptie. Vijf vragen over de rechtszaak.

Waar wordt Netanyahu precies van beschuldigd?

Er zijn drie zaken tegen Netanyahu, die in november vorig jaar officieel werd aangeklaagd. De eerste zaak draait om onder meer fraude en omkoping. Hij zou telecombedrijf Bezeq Telecom Israël gunsten hebben verleend ter waarde van 1,8 miljard sjekel (zo'n 467 miljoen euro). In ruil daarvoor zouden hij en zijn vrouw Sara positieve berichtgeving krijgen van een nieuwswebsite van de oud-topman van dat bedrijf, Shaul Elovitch. Ook hij staat terecht.

In de tweede zaak staat hij terecht voor fraude en vertrouwensbreuk. Netanyahu en zijn vrouw zouden voor 700.000 sjekel (ruim 180.000 euro) aan giften hebben aangenomen van Hollywood-producer Arnon Milchan en de Australische miljardair James Packer. Het zou gaan om onder anderen champagne en sigaren. Netanyahu zou Milchan in ruil daarvoor hebben geholpen met zijn bedrijf.

De laatste zaak draait net als in de eerste zaak om positieve berichtgeving in de media. Dit keer om de krant Yedioth Ahronoth, waarvan Arnon Mozes de eigenaar is. Netanyahu zou in ruil daarvoor wetgeving vertraagd hebben, waardoor een concurrent van de krant minder snel kon groeien. Ook in deze zaak wordt Netanyahu verdacht van fraude en vertrouwensbreuk. Mozes moet zich eveneens voor de rechtbank verantwoorden.

Waarom kan hij ondertussen nog gewoon in functie blijven?

Er bestaat in Israël geen wetgeving dat een zittende premier zijn taken moet afstaan tijdens een rechtszaak. Netanyahu heeft eerder al aangegeven dat de zaak zijn baan niet in de weg zou moeten staan en dat hij er alles aan zal doen om de feiten van tafel te laten vegen. Volgens zijn advocatenteam is er niets strafbaars aan het aannemen van cadeaus van vrienden en is een onderzoek naar relaties tussen politici en journalisten een bedreiging van de persvrijheid.

De leider van de rechtse Likud-partij noemde de zaak al een "linkse heksenjacht", die ervoor moet zorgen dat de populaire leider zijn functie niet meer kan bekleden. Netanyahu noemt de rechtszaak een formaliteit. Een verzoek om de eerste dagen van de zaak niet te hoeven bijwonen omdat dit volgens hem een politiek circus zou worden, werd door de drie rechters echter afgewezen.

Waarom doet hij geen beroep op politieke immuniteit?

Als het aan Netanyahu had gelegen, had hij zeker gebruikgemaakt van deze optie. Hij had een verzoek kunnen indienen bij de Knesset, maar besloot eind januari van die mogelijkheid af te zien. Toen werd namelijk duidelijk dat zijn verzoek geen meerderheid zou halen in het Israëlisch parlement.

Door het verzoek liep de rechtsgang wel vertraging op, omdat er hangende die procedure geen officiële zaak tegen hem gestart kon worden. Nadat duidelijk was dat politieke immuniteit geen optie was, schreef de premier op zijn Facebook-pagina dat hij "dit vuile spel" niet langer wil laten voortduren. Daardoor kon er eindelijk een datum voor de rechtszaak worden gevonden.

Kan er op korte termijn al een uitspraak worden verwacht?

Dat is uitgesloten. Een strafzaak van deze omvang duurt normaal gesproken jaren. Wel kan Netanyahu een intensief proces voorkomen door een schikking te treffen. Gezien het feit dat hij vorige week na een impasse van anderhalf jaar is begonnen aan zijn vijfde termijn als premier van Israël, en hij die post ook bij een schikking zou moeten opgeven, lijkt hij de zaak tot het bittere eind te willen uitvechten.

De volgende zitting vindt plaats op 19 juli. Netanyahu hoeft dan niet zelf aanwezig te zijn, besloten de rechters zondag.

Hoe groot is de kans dat hij daadwerkelijk de cel in moet?

Die vraag kan alleen de rechtbank beantwoorden. Dat de Israëlische rechters niet bang zijn om (oud-)leiders te veroordelen, bleek in 2009, toen oud-premier Ehud Olmert na een ruim drie jaar durende zaak tot zestien maanden cel werd veroordeeld. Hij werd schuldig bevonden aan het aannemen van steekpenningen.

Als Netanyahu op alle gronden schuldig wordt bevonden, kan dat leiden tot een flinke gevangenisstraf. Bij omkoping variëren de straffen van een hoge boete tot maximaal tien jaar cel. Bij fraude en vertrouwensbreuk is de maximale celstraf drie jaar.