Nabij de Okavango-rivier in het noorden van Botswana zijn in korte tijd 36 karkassen van olifanten gevonden, meldt Botswana Safari News. De doodsoorzaak is niet duidelijk, mogelijk zijn de dieren vergiftigd.

Het ministerie van Milieu in Botswana sluit niet uit dat de dieren bezweken aan antrax. Eind vorig jaar verloren natuurparken in het noorden van Botswana in amper twee maanden tijd meer dan honderd olifanten doordat de ziekte opspeelde.

Volgens parkbeheerders maakt het droogteseizoen de grijze kolossen extra kwetsbaar voor een besmetting. Olifanten zouden tijdens het grazen per ongeluk ook veel aarde doorslikken, waar de bacterie zich kan verstoppen.

De ziekte kan van dier op mens worden overgedragen, mede door het eten van besmet vlees. De bevolking in het departement Seronga werd daarom al opgedragen om het vlees van de overleden olifanten links te laten liggen.

Botswana telt een derde van alle olifanten in Afrika

Ruim een derde van alle olifanten in Afrika leven in Botswana. In het land kan sinds medio vorig jaar, toen het verbod werd opgeheven, weer op de ruim 130.000 dieren gejaagd worden.

Er werd echter al op de dieren gejaagd: volgens persbureau Reuters zouden sinds 2014 bijna zes keer zoveel karkassen van olifanten zijn gevonden als in de periode daarvoor, als gevolg van de oplaaiende (illegale) jacht. Woordvoerders van de branche zeiden vorige maand in gesprek met Botswana Safari News dat de coronamaatregelen "desastreuze gevolgen" hebben voor jagers, doordat het jachtseizoen is uitgesteld.