Nog nooit stond de zogenoemde Doomsday Clock zo dicht bij middernacht. De klok, die toont hoe groot het risico is dat een wereldwijde kern- of milieuramp plaatsvindt, is donderdag verzet van 120 seconden naar 100 seconden voor middernacht.

De Doomsday Clock is een initiatief van een groep wetenschappers van The Bulletin of Atomic Scientists met daarin dertien Nobelprijswinnaars. Jaarlijks bekijken ze de toestand in de wereld om vast te stellen hoever we zijn verwijderd van de apocalyps (op de klok is dat middernacht).

De mensheid staat volgens de wetenschappers momenteel voor twee existentiële gevaren: nucleaire oorlog en de klimaatcrisis. Die worden versterkt door een (des)informatieoorlog die via internet wordt gevoerd waardoor de samenleving niet adequaat kan reageren.

De wetenschappers concluderen verder dat de internationale veiligheid mede in het geding is gekomen omdat wereldleiders oogluikend hebben toegestaan dat de internationale politieke infrastructuur die deze gevaren het hoofd kan bieden is geërodeerd.

Klok laatste jaren steeds dichter naar middernacht

De laatste jaren kruipt de wijzer van de Doomsday Clock steeds verder naar 0.00 uur. Van zes minuten in 2010 naar vijf minuten in 2012, drie minuten in 2015, 2,5 minuut in 2017 tot twee minuten in 2018.

De klok is ook een aantal keren terug gezet, zoals in de jaren negentig aan het einde van de Koude Oorlog. In 1991 werd de klok gezet op 23.43 uur, zeventien minuten voor middernacht.

De Doomsday Clock werd in 1947 bedacht door een invloedrijke groep wetenschappers aan de Universiteit van Chicago. De klok gaf in eerste instantie aan hoe groot de dreiging was op een wereldwijde kernoorlog. Bij de invoering werden de wijzers op 23.53 uur afgesteld.