Bij protesten tegen de omstreden burgerschapswet in India zijn vrijdag zes doden gevallen en tientallen anderen gewond geraakt. Duizenden demonstranten gingen de straat op tegen een wet die islamitische ongedocumenteerde migranten geen recht geeft op burgerschap, maar anderen wel.

Sinds 11 december is het onrustig in India, nadat de controversiële wet door het Hogerhuis geloodst werd. De huidige protesten zijn de grootste in India sinds de hindoenationalistische Narendra Modi premier werd in 2014.

In verschillende delen van het Zuidoost-Aziatische land vonden botsingen plaats tussen ordetroepen en betogende burgers. Om de protesten tegen te gaan is het mobiele internet in verschillende delen van Uttar Pradesh tot zaterdag uitgeschakeld. Ook in de hoofdstad New Delhi is het internet op verschillende plekken onbereikbaar gemaakt.

Met name in de meest bevolkte staat Uttar Pradesh, waar spanningen tussen moslims en hindoes hoog oplopen, liepen vrijdag confrontaties tussen burgers en ordetroepen uit de hand. Zes mensen kwamen om, 32 anderen raakten gewond, aldus het politiehoofd van de staat.

In New Delhi gingen na het vrijdagsgebed in de belangrijkste moskee de Jama Masjid duizenden mensen de straat op ondanks het geldende samenscholingsverbod. Demonstranten zwaaiden in de moskee met de Indiase vlag en hadden kopieën van de Indiase grondwet bij zich, terwijl politie en veiligheidstroepen buiten de moskee de wacht hielden. 34 mensen zouden opgepakt zijn.

Betogers scanderen slogans en houden borden met een portret van Mahatma Gandhi omhoog, een cultureel icoon van de Indiase onafhankelijkheidsstrijd die harmonie tussen religies in India voorstond (Beeld: Reuters).

'Wet ondermijnt seculiere grondwet'

Betogers vrezen dat de nieuwe burgerschapswet het seculiere karakter van de Indiase grondwet ondermijnt en racistisch is. Door de wet wordt het gemakkelijker voor ongedocumenteerde migranten in India die geen moslim zijn om het Indiaas staatsburgerschap aan te vragen. 14 procent van de Indiërs is moslim. Dit aandeel is flink gedaald sinds de partitie van Pakistan en India een massale en collectief traumatische volksverhuizing teweegbracht in 1947.

De afgelopen maanden zijn de spanningen tussen moslims en hindoestanen verergerd door een reeks beslissingen van de hindoenationalistische regering. Zo ontnam Modi de met Pakistan betwiste staat Kasjmir zijn autonome status af en werd er een hindoetempel gebouwd op een voor Indiase moslims zeer gevoelige plek.

Politie kijkt naar een brandende auto tijdens protesten in Bulandshahar (Beeld: Reuters).