Critici van de Britse premier Boris Johnson beschuldigen hem ervan een mogelijk impactvol rapport over Russische inmenging in de Britse politiek, inclusief de Conservatieve Partij van de premier, in de doofpot te hebben gestopt. De regering wil het rapport pas na de verkiezingen in december uitbrengen.

Het besluit om de publicatie van het vijftig pagina's tellende rapport van de inlichtingen- en veiligheidscommissie van het Britse Lagerhuis over de verkiezingen heen te tillen, werd maandag aangekondigd door Downing Street.

Dominic Grieve, de voorzitter van de commissie, noemde het "verbijsterend" en oppositiepartijen Labour en de Scottish National Party (SNP) beschuldigen de regering-Johnson ervan de kop in het zand te steken, meldt The Guardian.

Een woordvoerder van de regering stelde dat het publicatieproces zo'n zes weken in beslag neemt. "Er zijn processen waar een dergelijk rapport doorheen moet en de commissie is daarvan op de hoogte."

Critici zeggen echter dat de veiligheidsdiensten het rapport al hebben goedgekeurd in een proces dat afgelopen maart al is gestart. De verwachting was dat het kabinet van Johnson het rapport eind vorige week zou goedkeuren.

'Kremlin poogde Conservatieve Partij te infiltreren'

Het rapport, dat voornamelijk is gebaseerd op informatie afkomstig van de Britse veiligheidsdiensten en onafhankelijke deskundigen, beschrijft onder meer pogingen van het Kremlin om de Conservatieve Partij te infiltreren.

Een hooggeplaatste Russische diplomaat, die wordt verdacht van spionage, verbleef vijf jaar lang in Londen en legde daar contacten met verschillende kopstukken uit de partij, onder wie premier Johnson zelf.

Ook zijn Russische pogingen om het Brexit-referendum van 2016 te beïnvloeden onderzocht. De commissie wilde verschillende aanbevelingen doen om de aankomende verkiezingen op 12 december beter te beveiligen.