De nieuwe 'veilige zone' blijkt tot nu toe geen garantie voor rust in Noordoost-Syrië. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan betwist de Russische belofte dat Koerdische strijders uit het gebied vertrokken zijn. Hij zegt dat Turkije eventuele achterblijvers op eigen initiatief zal verdrijven.

Ondertussen meldt persbureau Reuters dat er woensdag gevechten plaatsvinden tussen Turkse milities en het Syrische leger van president Bashar Al Assad.

Rusland en Turkije sloten vorige week dinsdag een akkoord over een 'veilige zone' in Noordoost-Syrië. Deze loopt langs de grens met Turkije en is 30 kilometer diep. Het akkoord volgt op een vijfdaagse wapenstilstand, onderhandeld door de Amerikanen.

Vanwege de veilige zone is er tot nu toe een relatieve luwte ontstaan in de gevechten. De vraag is alleen of hier binnenkort een einde aan komt.

Turkse troepen zouden inmiddels woensdag in gevecht zijn geraakt met het Syrische leger van Al Assad, meldt de Syrische staatsomroep. Dit wordt bevestigt door milities die in opdracht van Turkije vechten. Het leger van Assad is na het vertrek van de Amerikanen een verbond aangegaan met de Koerden om een eventuele Turkse opmars in het gebied te stuiten.

Voorwaarde voor het akkoord over de veilige zone, was dat Rusland zou zorgen dat alle Koerdische strijders binnen 150 uur uit de zone zouden zijn vertroken. Dinsdag meldde Rusland dat het gebied vrij was van Koerdische strijdkrachten, maar Erdogan trekt dit in twijfel.

De Turkse president zegt informatie te hebben dat er nog strijders van de YPG-militie in de zone zijn. Erdogan ziet deze groep als een terroristische organisatie en als een dreiging voor de Turkse staatsveiligheid.

Koerden vrezen voor zowel Syrische leger als Turkije

Turkije en Rusland zullen vrijdag gezamenlijke patrouilles in het gebied uitvoeren. Als dan blijkt dat er nog vijandige elementen in het gebied zijn, zal Turkije zich het recht voorbehouden om "onze eigen operaties te ondernemen", zei Erdogan tegen het Turkse parlement.

Na het vertrek van de Amerikaanse troepen uit het gebied, lijkt de Koerdische bevolking gevangen tussen Turkije en het Syrische leger. Lokale Koerden zeggen tegen The Washington Post te vrezen voor beide partijen, omdat het Syrische leger hen mogelijk zal zien als verraders en separatisten. Door Turkije gesteunde Arabische en Turkmeense milities zouden daarnaast sterk anti-Koerdisch zijn. Inmiddels zouden ruim 200.000 inwoners in het gebied ontheemd zijn.

Amerikaanse troepen zagen oorlogsmisdaden

Beelden die uit het gebied komen lijken te laten zien dat Koerdische strijders verminkt en standrechtelijk geëxecuteerd worden door deze Turkse milities, schrijft The Guardian. Amerikaanse troepen zouden daarnaast getuige zijn geweest van oorlogsmisdaden van Turkse milities, stelde de Amerikaanse speciale gezant voor Syrië James Jeffrey eerder tegen het Congres.

De Koerdische bevolking vreest mogelijk ook voor wraak vanwege de behandeling van Arabische bewoners in het gebied. Mensenrechtenorganisaties Amnesty en Euro-Med schreven onder meer over executies door Koerdische milities en het vernietigen van dorpen van Arabische bewoners in 2015.

Leger VS beschermt olievelden in Oost-Syrië

De Amerikaanse president Donald Trump trok eerder deze maand na een telefoongesprek met Erdogan de Amerikaanse troepen uit Noordoost-Syrië terug. Critici spraken van "verraad" tegenover de Koerden, die lang als stoottroepen fungeerde in de Amerikaanse strijd tegen Islamitische Staat (IS)

Trump beloofde dat hij de Amerikaanse troepen naar huis zou sturen. Maandag meldde de Amerikaanse minister van Defensie Mark T. Esper dat de militairen verplaats worden naar olievelden in het oosten van Syrië, om deze tegen IS te beschermen. Onlangs zouden grote groepen IS-strijders uit Koerdische gevangenissen ontsnapt zijn na de Turkse inval.