De Chileense president Sebastián Piñera heeft zondag de noodtoestand in zijn land beëindigd, schrijft persbureau AFP. Hij had de maatregel ruim een week geleden genomen om massaprotesten de kop in te drukken, maar de impopulaire maatregel had niet het gewenste effect.

Door de noodtoestand waren in de acht grootste Chileense steden ruim twintigduizend soldaten en agenten opgetrommeld om de openbare orde te bewaken.

Zaterdag kondigde Piñera al aan dat de ingestelde avondklok zou worden ingetrokken en dat hij zijn kabinet zal herstructureren om sociale hervormingen door te voeren. Zo wil de president een gegarandeerd minimumloon en een hoger pensioen invoeren en zal hij de elektriciteitskosten stabiliseren.

De Chileense bevolking was in opstand gekomen tegen een voorstel van de regering-Piñera om de tarieven in het openbaar vervoer te verhogen. Voor de Chilenen was het de druppel die de emmer deed overlopen, omdat het levensonderhoud in het land al veel zou kosten en er al sprake is van sociale ongelijkheid.

De president bood eerder al zijn excuses aan voor zijn regeringsbeleid. Volgens hem is Chili in één week "een ander land" geworden. Bij de protesten zijn zeker negentien mensen om het leven gekomen, terwijl honderden anderen gewond zijn geraakt.