Minstens vier Amerikaanse veiligheidsfunctionarissen waren op voorhand al bezorgd over het telefoontje dat de Amerikaanse president Donald Trump zou voeren met zijn Oekraïense collega Volodymyr Zelensky, meldt de Amerikaanse krant The Washington Post donderdag op basis van bronnen binnen het Witte Huis.

Ze waren bang dat de Amerikaanse president tijdens het gesprek druk zou uitoefenen voor politieke doeleinden en deelden hun bezorgdheid zowel voor als na het telefoongesprek met de juridisch adviseur van het Witte Huis.

Volgens The Washington Post stonden de veiligheidsfunctionarissen al op scherp toen Marie Yovanovitch, de toenmalige Amerikaanse ambassadeur in Oekraïne, in mei werd teruggeroepen naar Washington.

Verder zou in het Witte Huis al eerder zijn gesproken over de wens van Trump om de Oekraïense regering onder druk te zetten. De president wilde schadelijk informatie over de Democratische presidentskandidaat Joe Biden ontvangen.

Telefoontje begin van mogelijke afzettingsprocedure

Trump ligt al enkele weken onder vuur vanwege het telefoongesprek dat hij op 25 juli met Zelensky voerde. In het gesprek heeft Trump aan de Oekraïense president gevraagd of hij een onderzoek wil instellen naar Biden en diens zoon Hunter Biden. Een anonieme klokkenluider heeft dat nieuws naar buiten gebracht.

Vanwege deze onthullingen besloot Nancy Pelosi, de voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, op 24 september een vooronderzoek naar een mogelijke afzettingsprocedure tegen Trump te starten. Volgens Pelosi brengt de president met zijn acties de nationale veiligheid en de integriteit van de verkiezingen in gevaar.

Trump liet dinsdag in een brief weten dat hij en de medewerkers van het Witte Huis niet zullen meewerken aan het vooronderzoek. Hij vindt het onderzoek "ongrondwettelijk" en "ongegrond".