De oorlog in Afghanistan begon achttien jaar geleden in oktober 2001 toen verschillende landen, waaronder de VS en het Verenigd Koninkrijk, het land binnenvielen met als doel de Taliban ten val te brengen. Directeur van Save The Children in de hoofdstad Kaboel, Onno van Manen, ziet dagelijks hoe ook kinderen worstelen met de slechte omstandigheden in het land.

In oktober 2001 vielen Amerikaanse, Britse, Franse en Australische troepen Afghanistan binnen met als doel de Taliban te verslaan. De Taliban weigerde onder meer om Osama Bin Laden uit te leveren aan de VS.

De Taliban werd al snel afgezet als machtshebber in Afghanistan, maar de spanningen en instabiliteit in het land duren tot op heden voort. Nederland was onderdeel van de missie in Afghanistan en leverde onder meer personeel en materiaal om de plaatselijke politie te trainen.

De veiligheidssituatie in het land is nog altijd erg slecht. Kinderen maken dagelijks mee hoe de gevechten nog altijd voortduren. Onno van Manen, directeur van Save The Children in de Afghaanse hoofdstad Kaboel, ziet dat veel van hen worstelen met de omstandigheden.

'Meer dan 3,7 miljoen kinderen geen toegang tot basisonderwijs'

Veel scholen in Afghanistan zijn gesloten, in 2018 sloten er nog 700 als gevolg van het geweld. Volgens Save The Children hebben meer dan 3,7 miljoen Afghaanse kinderen momenteel geen toegang tot het basisonderwijs.

Ook zijn er 3,8 miljoen kinderen die humanitaire hulp nodig hebben. Zo'n 600.000 kinderen die tot deze 3,8 miljoen behoren zouden (ernstig) ondervoed zijn.

Van Manen heeft voor zijn werk veel Afghaanse kinderen gezien en gesproken. "In Nederland zie je vaak dat een kind energiek is, nieuwsgierig is en dingen wil ontdekken. In Afghanistan zijn veel kinderen vooral schuw", aldus de directeur.

Volgens de directeur hebben veel inwoners van Afghanistan psychosociale hulp nodig. "Veel kinderen en ook volwassenen zijn getraumatiseerd." Deze hulp is volgens de directeur nauwelijks beschikbaar in het land. "Er zijn weinig specialisten op dat gebied", aldus Van Manen.

Afghanistan heeft te maken met ernstige armoede. Volgens Van Manen leeft ongeveer 50 procent van de bevolking onder de armoedegrens.

"Wat voor mij één van de meest opvallende dingen is, is het grote aantal kinderen dat ik kinderarbeid zie verrichten. Ik zie soms kleine kinderen plastic zakjes verkopen of zware kruiwagens tillen. Dit doen ze om geld te verdienen, om zo toch hun steentje bij te kunnen dragen."

Amerikaanse regering onderhandelt al langere tijd met de Taliban

De Amerikaanse regering onderhandelt al langere tijd met de Taliban, die in Afghanistan een guerrillastrijd voert tegen de Amerikaanse troepen. De VS heeft sinds 2001 militairen in het land gestationeerd.

De Amerikaanse regering onderhandelt met de Taliban omdat ze van van mening is dat de groep een beter alternatief is dan Islamitische Staat of Al Qaeda. Een onderdeel van de afspraak zou zijn dat de Taliban alle samenwerkingen met de twee laatstgenoemde groepen verbreekt.

De Amerikaanse president Donald Trump trok echter in september de stekker uit het overleg, nadat de terreurorganisatie had onthuld achter een aanslag te zitten waarbij een Amerikaanse soldaat om het leven kwam.

De Taliban zei eind september in gesprek met BBC News desondanks "open te staan om het vredesoverleg met de Verenigde Staten weer te hervatten".