Het Spaanse Hooggerechtshof heeft de regering toestemming gegeven om het lichaam van oud-dictator Francisco Franco op te graven en op een minder prominente plek opnieuw te begraven, meldt persbureau AFP dinsdag.

De stoffelijke resten van Franco (1892-1975) liggen ten noordwesten van Madrid in een kerk die uit rotsen is gehouwen. De linkse partijen in Spanje vinden dat Franco een praalgraf in het monumentale complex Valle de los Caídos niet verdient.

De conservatieve rooms-katholieke Franco liet de kerk bouwen als monument voor alle gevallenen uit de Spaanse burgeroorlog (1936-1939). Er liggen circa 34.000 omgekomen strijders begraven, onder wie ook republikeinse tegenstanders van Franco.

Familie Franco ging in beroep tegen voorstel regering

Het monument dat in de jaren 1941-1959 is gebouwd, is echter omstreden. Onder meer omdat het monument deels door politiek gevangenen is gemaakt.

Vorig jaar besloot de sociaaldemocratische regering van premier Pedro Sánchez dat de oud-dictator op een bescheidener plaats moet worden herbegraven.

De familie van Franco was in beroep gegaan tegen dit voorstel. Een lagere rechter riep dit plan eerder dit jaar een halt toe omdat hij twijfelde of de vergunning voor de opgraving klopte.

Nu heeft het Hooggerechtshof geoordeeld dat het lichaam van Franco dus wel mag worden verplaatst. De overblijfselen van de oud-dictator worden nu bijgezet op de plek waar zijn vrouw Carmen Polo ligt begraven. Dat is in een mausoleum in El Pardo, 35 kilometer van de huidige begraafplaats.