De Spaanse premier Pedro Sánchez heeft dinsdag voor de vierde keer in vier jaar tijd nieuwe verkiezingen uitgeschreven. De stembusgang zal op 10 november zijn. De onderhandelingen over een nieuwe regering van de sociaaldemocraten (PSOE) met steun van het links-populistische Unidos Podemos zijn op niets uitgelopen.

In april waren er voor het laatst verkiezingen. Toen werd PSOE de grootste, maar kreeg de partij onvoldoende stemmen om alleen te kunnen regeren. De sociaaldemocraten zochten daarom gedoogsteun bij Unidos Podemos, zonder dat die partij ministerposten in het kabinet zou krijgen. Die steun komt er dus niet.

"Het is onmogelijk om het mandaat dat het Spaanse volk ons in april heeft gegeven te voltooien", zei Sánchez, doelend op de laatste verkiezingen. "Andere partijen hebben het ons onmogelijk gemaakt. Er is geen meerderheid die de vorming van een regering garandeert, wat ons tot nieuwe verkiezingen in november dwingt."

De Spaanse koning Felipe VI zei eerder op dinsdag al dat hij geen nieuwe kandidaat naar voren schuift om zo alsnog het vertrouwen van het parlement te winnen. Het land verkeert al tijden in een politieke crisis en partijleiders liggen met elkaar in de clinch. Het is nog maar de vraag of de nieuwe verkiezingen wel tot een oplossing leiden.