De Britse minister Amber Rudd (Werkgelegenheid en Pensioenen) is zaterdagavond opgestapt. Ze zegt op Twitter dat ze niet langer aan kan blijven als minister en toe kan zien hoe "gematigde loyale Conservatieven" uit de partij worden gezet. Daarnaast schrijft ze in haar ontslagbrief niet langer te geloven dat het verlaten van de EU het hoofddoel is van de regering.

Lagerhuisleden stemden dinsdag voor een motie om de parlementaire agenda over te nemen, zodat zij op woensdag konden bepalen dat de motie om een 'no deal-Brexit' te voorkomen behandeld zou worden.

Naast de oppositieleden stemden ook 21 Conservatieven voor de motie om de macht in het parlement over te nemen, waaronder vooraanstaand partijleden zoals Philip Hammond en Ken Clarke. Beiden vervulden al eens de rol als minister in voorgaande kabinetten.

Boris Johnson waarschuwde voorafgaand aan de stemming al dat rebellerende Conservatieven uit de partij zouden worden gezet. De premier voegde woensdag daad bij het woord, wat leidde tot verontwaardiging in het Verenigd Koninkrijk.

Rudd steunde in de aanloop naar het Brexit-referendum in 2016 het 'remain'-kamp, dat tegen een Brits vertrek uit de EU was. Brexiteer Nigel Farage vroeg zich zaterdagavond op Twitter af waarom "Boris in de eerste plaats ministersposten heeft gegeven aan deze remainers?".

Eerder deze week stapte ook de broer van Boris Johnson, Jo Johnson, al uit de regering.