Heel Duitsland volgt zondag met spanning de verkiezingen in de Oost-Duitse deelstaten Brandenburg en Saksen, die vroeger deel uitmaakten van de DDR. De opkomst van de rechts-populistische partij Alternative für Deutschland (AfD) in beide regio's baart de traditionele politieke partijen grote zorgen.

"Het is een nek-aan-nekrace in Brandenburg. In de afgelopen week is de SPD wat gegroeid in de peilingen, dus ik verwacht dat kiezers die anders op de Groenen zouden stemmen, toch strategisch voor de SPD zullen kiezen", zegt Hanco Jürgens van het Duitsland Instituut in Amsterdam. "In Saksen is het CDU volgens de peilingen echt losgekomen van de AfD, maar dat heeft lang geduurd."

Jürgens denkt dat de christendemocraten en sociaaldemocraten zondag een groot verlies zullen lijden, maar waarschijnlijk wel net hun minister-presidenten in de deelstaten kunnen behouden. Een monsterzege die het AfD het overwicht geeft en de wankele landelijke regeringscoalitie van CDU en SPD in gevaar brengt, verwacht hij niet. "Het wordt vooral symbolisch heel spannend."

Al sinds de migrantencrisis van 2015 is het grote probleem voor de gevestigde partijen dat zij geen antwoord lijken te hebben op de aantrekkingskracht van de AfD, een ontwikkeling die het sterkst zichtbaar is in het oosten van Duitsland. Regionale gevoelens van achtergesteldheid in de landelijke politiek spelen een grote rol.

Verlangen naar een verleden dat er nooit is geweest

"Tijdens de DDR-tijd waren er al anti-Berlijn-sentimenten. Het beeld bestaat dat de landelijke hoofdstad er vooral voor zichzelf is. Veel Oost-Duitsers voelen zich niet vertegenwoordigd en zien zichzelf bijvoorbeeld niet terug op televisie - er zijn maar een paar bekende Oost-Duitse presentatoren. Merkel (Angela, de Duitse bondskanselier, red.) is als Oost-Duitse 'een van hen', maar wordt toch als een soort West-Duitser gezien, omdat ze natuurlijk heel goed de taal van de westelijke bondgenoten spreekt."

Het resultaat is Ostalgie; "een verlangen naar een verleden dat er nooit geweest is, naar een soort geborgenheid", zegt Jürgens. "De AfD weet daar goed op in te spelen. In Brandenburg doet de partij dat nu bijvoorbeeld met slogans zoals 'Wij maken de revolutie af' en 'Wij zijn het Volk'. Ze stellen zich op als een soort vertegenwoordigers van de revolutionairen uit 1989, die in het belang van de Oost-Duitsers handelen en wél naar hen luisteren."

“Oost-Duitsers willen gaag van zich laten horen”
Duitslandkenner Hanco Jürgens

Rechts-populistische partijen elders in Europa krijgen nog weleens het label 'partij van de kanslozen' opgedrukt, maar de achterban van de AfD zit wezenlijk anders in elkaar, zegt Jürgens. Niet opgefokte skinheads, maar plaatselijke leraren, politieagenten of voetbaltrainers vormen het gezicht van de beweging. "Veelal mannen, veertigers en vijftigers, met middeninkomens. De doorsneeburger."

Die burger toont zich vervolgens ook bereid om de straat op te gaan. Jürgens: "Ze hebben niks met de democratische instellingen van de Bondsrepubliek, maar dat ze dat doen, geeft wel aan dat ze een soort grassrootsbeweging hebben opgezet die heel erg past bij de cultuur in Oost-Duitsland dat mensen graag van zich willen laten horen. Dat is een duidelijk verschil met politici in andere landen, zoals Geert Wilders, die successen scoren in het parlement of in de media, maar geen massamanifestaties op de Dam leiden."

CDU-leider Annegret Kramp-Karrenbauer op campagne met Michael Kretschmer, de CDU-kandidaat voor Saksen. (Foto: Reuters)

Oosten voelt zich achtergesteld

Er wordt veel gesproken over de Oost-Duitse identiteit, die anders zou zijn dan de West-Duitse, maar die tegenstellingen zijn in werkelijkheid niet doorslaggevend, zegt Jürgens. "Heel veel mensen uit Oost-Duitsland zijn naar West-Duitsland verhuisd en andersom. Er is steeds meer gelijkenis en steeds meer overeenstemming", relativeert hij. "Maar met name op het platteland in het oosten is er een gevoel dat alleen de mensen achterblijven die niet genoeg geld hebben om te vertrekken. Het tekort aan artsen en leraren is bijvoorbeeld echt een probleem."

Inspelen op dat gevoel van verwijdering en achtergesteldheid is niet voorbehouden aan populistisch rechts. Jürgens: "De Groenen hebben zich bijvoorbeeld in aanloop naar deze deelstaatverkiezingen heel goed voorbereid. Ze zijn gaan praten met allerlei mensen in Oost-Duitsland om te kijken wat er speelt, bijvoorbeeld op het gebied van milieu. Ze zijn nog lang niet zo groot als ze in het westen zijn, maar hebben wel aanhang weten te winnen." Dat gaat een partij als de SPD vooralsnog een stuk lastiger af.

'Zelfs een nieuwe dierentuin kan verschil maken'

"Nog in 2014 overheerste in Berlijn de gedachte: als het economisch steeds beter gaat, met name in Saksen, dan zullen de problemen wel snel opgelost zijn. Dat is niet het geval", zegt Jürgens.

Het laat zien dat de economie niet de enige factor is die gewicht in de schaal legt bij het bestrijden van de oosterse sentimenten van vervreemding. Er is volgens de Duitslandkenner ook een mentaliteitsomslag nodig. "Ik vind dat de landelijke politiek te weinig doet. Je zou ook kunnen denken: in Oost-Duitsland is geen enkele multinational gevestigd. Als overheid kun je iets aan het slechte vestigingsklimaat doen. Zorg dat er een paar belangrijke instituten naartoe gaan en er duidelijk zichtbare verbeteringen zijn. Stimuleer culturele activiteiten extra. Het klinkt misschien een beetje lullig, maar zelfs de bouw van een nieuwe dierentuin kan al een verschil maken."