In verschillende steden op het door Indonesië bestuurde deel van het eiland Nieuw-Guinea zijn maandag duizenden Papoea's de straat op gegaan om te demonstreren tegen de Indonesische autoriteiten. De spanningen zijn opgelopen nadat de politie zaterdag op het eiland Java 43 Papoease studenten arresteerde tijdens de viering van de Indonesische Onafhankelijkheidsdag.

De studenten worden ervan beschuldigd dat ze een vlaggenmast hebben omgebogen. De politie zette daarop traangas in en zou de studenten 'apen' hebben genoemd. Ze zijn dezelfde dag zonder aanklacht weer vrijgelaten.

Als reactie gingen maandag duizenden Papoea's de straat op. Ze blokkeerden onder meer straten met brandende banden en staken gebouwen en voertuigen in brand. Ook is het regionale regeringsgebouw in de hoofdstad Manokwari in brand gestoken.

De Papoea's eisen excuses van de autoriteiten en bescherming voor Papoease studenten die ergens anders in Indonesië studeren.

De Indonesische president Joko Widodo heeft maandag opgeroepen tot kalmte en vergevingsgezindheid. "Het is prima om emotioneel te zijn, maar het is beter om te vergeven", zei hij tegen verslaggevers.

Separatisten in Papoea eisen onafhankelijkheid van Indonesië

Het eiland Nieuw-Guinea bestaat uit twee delen: het westen wordt bestuurd door Indonesië en het oosten, dat in 1975 onafhankelijk werd van Australië, vormt de aparte staat Papoea-Nieuw-Guinea.

Het Indonesische deel van het eiland Nieuw-Guinea omvat de provincies Papoea en West-Papoea. Na de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949) werd Indonesië onafhankelijk van het Koninkrijk der Nederlanden. Daarentegen bleef het westen van Nieuw-Guinea nog veertien jaar onder Nederlands bestuur.

In 1963 werd de regio uiteindelijk na bemiddeling van de VN overgedragen aan Indonesië. Zes jaar later volgde de officiële annexatie van Papoea na een omstreden referendum. De afgelopen decennia vinden er geregeld opstanden onder separatisten plaats in de armste regio van Indonesië.

Onderzoekers van de Amerikaanse topuniversiteit Yale vonden "sterke bewijzen" voor etnische zuivering en andere misdaden tegen de menselijkheid door de Indonesische autoriteiten in West-Papoea. Er is sprake van een patroon van gewelddadige repressie, schreven zij.