Door voorbereidingen die werden getroffen toen ebola elders in Congo de kop opstak, lijkt de strijd tegen de ziekte voorspoedig te verlopen in Goma, de grootste stad van Oost-Congo. Maar wantrouwen jegens hulpverleners en een gebrek aan slagkracht bij de plaatselijke overheden liggen nog steeds op de loer.

Deo Bakulu wast zijn handen zodra hij daar een kans voor krijgt. Hij doet dat sinds ebola vorige maand zijn woonplaats Goma bereikte, de belangrijkste stad in Oost-Congo en de zesde grootste van het land.

Maar het waslokaal dat de lokale autoriteiten hebben geopend in de buurt van zijn huis is alleen geopend van 8.00 uur tot 18.00 uur, van maandag tot en met vrijdag. Thuis heeft hij geen stromend water.

"Verspreidt ebola zich alleen overdag of zo?" vraagt hij ironisch aan de medische staf en journalisten van Reuters bij een andere zorgpost, terwijl een medewerker een infraroodthermometer op zijn slaap richtte. "En hoe zit dat op zondagen?"

Goma, dat bijna twee miljoen inwoners heeft, is in de hoogste staat van paraatheid sinds vorige week bevestiging kwam dat het ebolavirus zich voor het eerst binnen de stad heeft verspreid. Gevreesd wordt dat de uitbraak zich snel door de dichtbevolkte stad verspreid en via het internationale vliegveld en de nabijgelegen grens met Rwanda ook andere landen bereikt.

Mijnwerker bracht ebola naar Goma

Een goudmijnwerker bracht het virus met zich mee vanuit het epicentrum van de huidige epidemie, enkele honderden kilometers ten noorden van Goma. Hij bracht een week ziek thuis door met zijn vrouw en kinderen, voordat hij naar een ziekenhuis werd gebracht en de dag daarna overleed. Bij zijn echtgenote en een van hun dochters is ook besmetting vastgesteld.

De huidige ebola-epidemie heeft tot nu toe het leven gekost aan meer dan 1.800 mensen, wat het de op een na dodelijkste uitbraak ooit maakt, na die in West-Afrika in 2014, waarbij ruim 11.300 mensen de dood vonden.

Ebola is een virale hemorragische koorts, die voor het eerst werd ontdekt in Congo in 1976. Het virus verspreidt zich door direct contact met lichaamsvloeistoffen. Gemiddeld bezwijkt ongeveer de helft van de patiënten aan ebola, maar bij de huidige uitbraak is dat ongeveer twee derde, omdat veel besmette mensen geen hulp zoeken.

Een ondernemer uit Goma vult een handenwasstation buiten zijn winkel bij (foto: Reuters).

'Schaal voorbereidingen moet groter'

Goma heeft de tijd gehad om zich voor te bereiden op de komst van ebola: het virus stak bijna een jaar geleden de kop op in de steden Beni en Butembo. Inwoners van Goma staan in de rij bij de tientallen waslokalen die zijn geopend door zowel de overheid als plaatselijke bedrijven. Ze schudden elkaar niet langer de hand.

Toch zijn er hiaten in de voorbereidingen, en artsen en verplegers komen op sommige plekken hetzelfde wantrouwen en vijandige gedrag tegen dat een probleem vormde op andere plekken die door het virus werden geteisterd. Nu is het de vraag of er lessen zijn getrokken uit die andere brandhaarden.

"Er was al een systeem, wat goed is, omdat we daardoor niet van de bodem af hoeven te beginnen", zegt Kate White, noodmanager van Artsen zonder Grenzen (AzG). "Maar het moet echt worden versterkt en er moet schaalvergroting worden toegepast."

Zoektocht naar mensen die niet zijn gevaccineerd

De drie ziektegevallen in Goma veroorzaakten een koortsachtige zoektocht naar de meer dan achthonderd mensen die direct of indirect in contact waren gekomen met de patiënten, zodat zij konden worden gevaccineerd. De vaccinatiechef van de Wereldgezondheidsorganisatie in de stad, Tresor Amiri, laat dinsdag weten dat er van die groep nog maar vijf mensen zijn die nog geen vaccinatie hebben ontvangen.

De plaatselijke autoriteiten zijn vrij optimistisch over de kans dat het virus binnen Goma kan worden gehouden. Er zijn geen nieuwe besmettingsgevallen bekend, en de vrouw en dochter van de mijnwerker die het virus naar de stad bracht zijn herstellende.

"We hopen dat zij de eerste genezen patiënten in Goma worden", zegt Jean-Jacques Muyembe, die de anti-ebolainspanningen van de Congolese regering coördineert. Hij hoopt dat hun overleving laat zien dat "je overlevingskansen relatief goed zijn als je vroeg op zoek gaat naar behandeling".

Voorbereidingen helpen bij bestrijding

Volgens de regering is het succes tot nu toe te danken aan de voorbereidingen die werden getroffen sinds vorig jaar augustus een epidemie werd vastgesteld.

Tientallen vrijwilligers gaan al maanden van deur tot deur met rijk geïllustreerde flipboeken waarin wordt gewaarschuwd geen bebloede kleding aan te raken of braaksel op te ruimen. Plaatselijke radiostations draaien voorlichtingsbulletins.

Op de grens met Rwanda, die dagelijks door een geschatte 45.000 mensen wordt overgestoken, wordt de lichaamstemperatuur van reizigers aan weerszijden gemeten.

Rwanda sloot de grens vorige week kort, maar opende die weer nadat deskundigen waarschuwden dat die stap illegale grensoverstekingen zou aanmoedigen.

Ebolapatiënten worden opgevangen op een speciale isolatieafdeling in het grootste ziekenhuis van Goma. Het kostte Artsen zonder Grenzen twee maanden om die te bouwen. Nu zijn er 72 bedden te vinden, exclusief bestemd voor ebolapatiënten.

De bouw van een speciale afdeling voor ebolapatiënten bij het grootste ziekenhuis van Goma door Artsen zonder Grenzen (foto: Reuters).

Groot wantrouwen jegens hulpverleners

Toch zijn er nog grote uitdagingen te overwinnen in de strijd tegen het virus. Afgelopen zaterdag kwamen familieleden van een jongen die met koorts en diarree was doorverwezen naar de ebola-afdeling van het ziekenhuis om te eisen dat hij zou worden ontslagen.

Een mannelijk familielid dreigde de ziekenhuisvleugel in brand te steken. "Ze hadden het bij het juiste eind in Butembo", zei hij. Daarmee verwees hij naar het platbranden van een AzG-faciliteit in die stad door onbekende aanvallers, afgelopen februari. De hulporganisatie legde vanwege die aanval haar activiteiten in Butembo stil.

"We hebben al last van koorts en diarree sinds ik een kind was", zei een vrouwelijk familielid. "Waarom staat koorts nu gelijk aan ebola?"

Een AzG-medewerker wist de gemoederen tot bedaren te brengen en de familie van de jongen vertrok weer naar huis. Het was echter niet de eerste keer dat hulpverleners te maken kregen met wantrouwen, en het zal niet de laatste zijn.

Doorzichtige hekken tegen complottheorieën

AzG zegt dat er aanvullende stappen worden genomen om de bevolking van Goma gerust te stellen. Zo moet worden voorkomen dat dezelfde samenzweringstheorieën die het bestrijden van de ziekte bemoeilijken in Beni en Butembo ook in Goma voet aan de grond krijgen.

De ebola-afdeling in de stad werd bijvoorbeeld gebouwd met hekken waar doorheen gekeken kan worden, wat geruchten over kwaadaardige activiteiten in het gezondheidscentrum tegengaat.

Een van de vrijwilligers die inwoners voorlichten over ebola, de 23-jarige Francine Mulangala, zegt dat ze afgelopen vrijdag werd bedreigd in de buurt waar de gestorven goudmijnwerker woonde. Meer dan tien mensen eisten dat ze zijn stoffelijk overschot te zien kregen. "Als iemand ziek wordt, maken we jou dood", werd haar verteld.

Plaatselijke overheid heeft niet veel middelen

Naast het wantrouwen tegenover hulpverleners is ook de beperkte slagkracht van de plaatselijke overheid een probleem. Maar zo'n 10 procent van de inwoners van Goma heeft toegang tot stromend water en veel mensen zijn afhankelijk van openbare toiletten.

De bestuurder van een speciale ebola-ambulance, die anoniem wenst te blijven, zegt dat hij en zijn collega's al zes maanden niet zijn betaald. Hun werkgever, het provinciale ministerie van Gezondheid, was niet bereikbaar voor commentaar.

Veel inwoners van de stad zeggen dat zij graag gevaccineerd willen worden, maar dat dit niet kan, omdat momenteel alleen familieleden van ebolapatiënten of anderen die met hen in contact zijn geweest in aanmerking komen. Een mogelijk tweede vaccinatieoffensief om de bredere bevolking te beschermen loopt vooralsnog vast op gesteggel binnen de Congolese regering.

"De bevolking accepteert dat ebola echt is", vat geldwisselaar Joseph Mumbere de situatie samen. "Maar het is heel moeilijk om het vaccin te krijgen."