Vijftienduizend mensen in Papoea-Nieuw-Guinea moesten hun huizen ontvluchten door twee vulkaanuitbarstingen afgelopen week, melden hulporganisaties het Rode Kruis en de Rode Halvemaan. Zover bekend zijn er geen doden gevallen, maar huizen, akkers en waterputten zijn vernield. Door de as is het luchtverkeer gestremd.

Woensdag barstte de Ulawun-vulkaan uit op het eiland Nieuw-Brittannië, ten oosten van Nieuw-Guinea, en schoot as 18 kilometer hoog de lucht in. Op vrijdag barstte dicht bij de kust van het eiland de Manam-vulkaan uit, die gevaarlijke gloedwolken uitspuwde. Manam zou voorlopig nog door kunnen gaan met lava uitstoten, dat de zee in zal stromen.

Door de Manam-uitbarsting sloegen 3.775 mensen op de vlucht en 11.047 mensen moesten hun huizen verlaten door de Ulawun-vulkaan. Veel mensen zijn opgevangen in opvangcentra.

De omgevingen van de vulkanen zijn bedekt in vulkanische as, dat dodelijke gevolgen kan hebben als deze wordt ingeademd. Hierdoor kunnen mensen nog niet terug naar hun woningen. Als regen niet snel de as wegspoelt, kunnen gewassen worden beschadigd.

Het Rode Kruis, provinciale overheden, rampencentra en het Leger des Heils brengen noodvoorraden naar de opvangcentra, meldt het Rode Kruis op Papoea-Nieuw-Guinea. De minister-president van het land, James Marape, gaf aan het nationale leger in te willen zetten om te helpen.