Noord-Korea lanceerde zaterdag diverse korteafstandsraketten om raketwerpers te testen waarmee langeafstandsraketten gelanceerd kunnen worden, meldt het Noord-Koreaanse staatsmedium zondag.

Zaterdagochtend vlogen om 9.00 uur meerdere korteafstandsraketten vanuit de kuststad Wonsan zo’n 70 tot 200 kilometer in oostelijke richting, waar zij in zee belandden.

De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un overzag de oefening. Hij gaf aan dat het verbeteren van het strijdvermogen van zijn land de hoogste prioriteit heeft, om de politieke onafhankelijkheid en economische zelfvoorziening te verdedigen.

Het was voor het eerst sinds november 2017 dat het Aziatische land een raketlancering uitvoerde. Toen ging het om een intercontinentale ballistische raket, waarvan wordt aangenomen dat die het vasteland van de Verenigde Staten kan bereiken.

Sindsdien proberen de twee landen toenadering te zoeken, maar een top tussen Kim en de Amerikaanse president Donald Trump verliep eerder dit jaar niet volgens plan.

Trump en Kim kwamen niet tot deal

Tijdens de gesprekken over de denuclearisatie van Noord-Korea en het verlichten van de sancties tegen het land kwamen de twee leiders niet nader tot elkaar. De top werd voortijdig afgeblazen. Trump twitterde zaterdag na de lanceringen dat hij nog steeds tot een deal kan komen met Kim.

Kim zei vorige maand tijdens een ontmoeting met de Russische president Vladimir Poetin dat de kwestie afhangt van de VS. Hij waarschuwde dat de vijandigheid van eerder snel kan terugkeren.