Richard Cole, de laatste piloot die betrokken was bij een grote Amerikaanse vergeldingsaanval op Japan in april 1942, is dinsdag op 103-jarige leeftijd overleden.

De familie heeft de luchtmacht volgens ABC News van het overlijden van Cole op de hoogte gesteld. "Hij is weer verenigd met zijn mede-Raiders", stelde zijn zoon.

De zogenoemde 'Doolittle Raid' geldt als een van de meest gewaagde luchtaanvallen in de Tweede Wereldoorlog. De Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt had de missie geïnitieerd als vergelding voor de Japanse aanval op Pearl Harbor in december 1941.

Cole werd in 1915 geboren in Dayton, Ohio. Hij studeerde aan de Ohio University toen hij zich in november 1940 aanmeldde als piloot bij de luchtmacht.

'Doolittle Raid' had veel weg van een zelfmoordmissie

De jonge vlieger meldde zich begin 1942 aan als vrijwilliger voor een speciale missie, die de 'Doolittle Raid' bleek te zijn. Met de gerichte aanval op Japan wilde Roosevelt duidelijk maken dat het land niet onkwetsbaar was. Hij hoopte dat de aanval verwarring zou zaaien in de hoofden van de inwoners en ze zou laten twijfelen aan de betrouwbaarheid van hun leiders.

Bovendien hadden de Amerikanen na de aanval op Pearl Harbor, waarbij bijna 2.500 mariniers omkwamen, dringend behoefte aan een overwinning die bijdroeg aan het tanende moreel.

De 'Doolittle Raid' had de schijn van een zelfmoordmissie. Zestien Amerikaanse B-25 bommenwerpers stegen op vanaf een vliegdekschip in de Grote Oceaan om in Japan zoveel mogelijk schade aan te richten. Daarna vlogen ze door naar China, waar de piloten moesten landen in het gedeelte dat op dat moment niet in Japanse handen was.

Door brandstoftekort moesten de piloten improviseren

Door brandstoftekort was het echter niet mogelijk om China te bereiken. Een toestel moest vanwege brandstoftekort landen in de Sovjet-Unie; het vliegtuig werd in beslag genomen en de bemanning werd geïnterneerd.

Drie toestellen landden voor de Chinese kust op het water; andere B-25's maakten een noodlanding of stortten neer nadat de bemanning met een parachute het toestel had verlaten.

Cole kwam terecht in een boom en sneed zichzelf los. Hij had een kompas bij zich en begon naar het westen te lopen, weg van het door Japan bezette Chinese gebied. De Amerikaan kreeg uiteindelijk hulp van Chinese nationalisten die hij tegenkwam.

De piloot ging citrusvruchten telen

Cole kreeg na de oorlog, net als andere overlevenden en hun commandant Jimmy Doolittle, een Medal of Honor. Dit is de hoogste militaire onderscheidingen van de VS. De piloot bleef na de Tweede Wereldoorlog werken voor de Air Force.

Pas in 1966 ging hij met pensioen en begon hij samen met een andere veteraan een boerderij waar zij citrusvruchten teelden. Cole had er toen meer dan vijfduizend vluchten op zitten in dertig verschillende toestellen, verdeeld over 250 gevechtsmissies.

De piloten van 'Doolittle Raid' tijdens reünie in 1943. (Foto: Hollands Hoogte)

Het Amerikaanse Congres gaf Cole in 2014 een Gold Medal

Hij kreeg nog talloze andere onderscheidingen, waaronder het Distinguished Flying Cross voor extreme moed tijdens gevechtsvluchten en de Bronzen Ster.

Zijn laatste medaille kreeg Cole in 2014 van toenmalig president Barack Obama: de Gold Medal, de hoogste onderscheiding die het Amerikaanse Congres voor buitengewone verdiensten van burgers kan toekennen. Het eerbetoon was niet alleen voor Cole, maar ook voor de drie andere 'Doolittle Raid'-veteranen die toen nog in leven waren.

De overlevenden van 'Doolittle Raid' kwamen tussen 1945 en 2013 elk jaar bij elkaar. Tijdens deze reünies dronken de veteranen altijd cognac, zoals zij ook met Doolittle deden voor de aanval op Japan. Iedere veteraan had zijn eigen beker. De beker van elke inmiddels gestorven piloot werd op de kop op tafel gezet.

De op een na laatste 'Raider' die overleed, was sergeant David Thatcher, in 2016.