De familie van een Amerikaan die slachtoffer was van het neerhalen van vlucht MH17, spande donderdag een rechtszaak aan tegen twee Russische banken en een aantal in de VS gevestigde geldtransactiebedrijven.

De familie beschuldigt de bedrijven van het leveren van diensten aan de groep die volgens hen verantwoordelijk is voor de aanslag op het toestel van Malaysia Airlines.

De achttienjarige Amerikaan Quinn Lucas Schansman was in juli 2014 op weg naar een familievakantie met zijn ouders, maar kwam door de vliegtuigramp nooit op zijn bestemming aan.

Zijn vader zegt in een verklaring: "We realiseren ons dat we onze zoon nooit terug zullen krijgen, maar we zijn vastbesloten om iedereen verantwoordelijk te houden die heeft deelgenomen aan zijn moord."

'Ouders veroordelen steun aan Volksrubriek Donetsk'

De familie vordert verschillende banken en transactiebedrijven voor steun aan de Volksrepubliek Donetsk, die door de Oekraïners als terroristische organisatie wordt gezien, maar wordt gesteund door Rusland.

De Volksrepubliek Donetsk zou achter de lancering van de buk-raket zitten die het MH17-toestel op 17 juli 2014 doorboorde. Bij die aanslag kwamen alle 298 passagiers om het leven, van wie ongeveer twee derde uit Nederland kwam.

Het vliegtuig was onderweg van Amsterdam naar de Maleisische hoofdstad Kuala Lumpur en werd geraakt boven grondgebied dat was ingenomen door pro-Russische separatistische strijdkrachten in Oost-Oekraïne.