De Venezolaanse oppositieleider Juan Guaidó geniet niet langer politieke onschendbaarheid en kan door de autoriteiten worden aangehouden en aangeklaagd.

De grondwetgevende vergadering van het land heft zijn immuniteit op nadat het hooggerechtshof daarom had gevraagd. De voorzitter van de grondwetgevende vergadering maakte het besluit dinsdag bekend in hoofdstad Caracas.

De zelfbenoemde interim-president, tevens voorzitter van het Venezolaanse parlement, genoot als parlementariër politieke onschendbaarheid en hoefde daardoor niet te vrezen voor crimineel onderzoek.

Guaidó zelf erkent zowel de grondwetgevende vergadering als het hooggerechtshof niet, omdat hij vindt dat de instanties niet onafhankelijk en objectief zijn. Daardoor zouden beide instanties niet het recht hebben om hem zijn immuniteit te ontnemen.

De oppositieleider, die de steun van verschillende buitenlandse mogendheden geniet, heeft zich ontwikkeld tot de grootste tegenstander van de zittende president Nicolás Maduro.

Zowel de rechterlijke macht als grondwetgevende vergadering staat nog achter Maduro. De Verenigde Staten hebben meermaals gedreigd met harde maatregelen als Guaidó wordt gearresteerd of iets wordt aangedaan.