Voor de tweede keer in korte tijd is een Canadese minister uit het kabinet van premier Justin Trudeau gestapt. Het Canadese kabinet verkeert daardoor in een diepe crisis.

Jane Philpott, de begrotingsminister, liet in haar ontslagbrief weten dat ze het "vertrouwen heeft verloren in hoe de regering heeft gehandeld" rond een corruptieschandaal.

Vorige maand stapte minister van Justitie en procureur-generaal Jody Wilson-Raybould al op. Dit leidde tot de politieke crisis. Wilson-Raybould, met wie Philpott goed bevriend is, zegt dat ze vorig jaar door Trudeau en andere beleidsmakers onder druk is gezet om tot een schikking te komen met het internationale ingenieurs- en bouwbedrijf SNC-Lavalin.

Tegen het bedrijf loopt een strafrechtelijk onderzoek. Het concern wordt verdacht van het betalen van steekpenningen aan Libische regeringsmedewerkers tussen 2001 en 2011. Premier Trudeau zou niet willen dat het bedrijf wordt vervolgd vanwege de banen die in Canada op het spel zouden staan.

Omdat Wilson-Raybould weigerde een schikking te treffen, is ze naar eigen zeggen in januari overgeplaatst. Ze werd toen minister van Veteranenzaken. Een maand later nam ze ontslag. Trudeau zei eerder al zich niet te kunnen vinden in de lezing van de voormalige justitieminister.

Minister-president Trudeau steeds verder onder druk

In een korte reactie laat Trudeau weten teleurgesteld te zijn over het aftreden van Philpott, maar zegt ook begrip te hebben voor haar keuze. Verder stelt hij de zorgen over de corruptiezaak "zeer serieus" te nemen.

De druk op Trudeau neemt steeds verder toe. Vorige week eiste de oppositie al het aftreden van de premier, nadat Wilson-Raybould een commissie van het lagerhuis haar verhaal had verteld.

Trudeau zag onlangs ook zijn topadviseur vertrekken. Onder anderen deze adviseur zou Wilson-Raybould onder druk hebben gezet. Ook hij moet getuigen voor de parlementscommissie.