De Europese Commissie onderzoekt investeringsprogramma's die door lidstaten worden aangeboden aan rijken van buiten de EU in ruil voor verblijfsvergunningen, visa en paspoorten.

EU-commissaris Vera Jourová (Justitie) eist meer transparantie over de 'aanbiedingen' waar niet-EU-burgers tonnen en soms miljoenen voor overhebben en wil gezamenlijke criteria binnen de EU.

De verkoop van 'gouden visa' werken corruptie, witwassen en belastingontwijking in de hand en trekken de georganiseerde misdaad aan, aldus Jourova.

Zo kunnen niet-EU-burgers in Bulgarije, Cyprus en Malta in ruil voor investeringen tussen 900.000 en 1,8 miljoen euro het staatsburgerschap en daarmee een EU-paspoort krijgen. Ze hoeven daarvoor niet daadwerkelijk in het land te wonen, maar krijgen er wel toegang tot andere EU-landen mee.

Twintig lidstaten, waaronder deze drie en Nederland, bieden verblijfsvergunningen, oftewel een 'gouden visum', aan als iemand maar genoeg geld neerlegt.

In Nederland konden niet-EU-burgers tot 2016 bij de koop van onroerend goed voor 1,25 miljoen euro aan een verblijfsvergunning komen. Nu kan dat alleen als er voor dat bedrag in een bedrijf wordt geïnvesteerd dat werkgelegenheid of innovaties oplevert.

'Lidstaten verdienden 25 miljard euro aan regeling'

Volgens Jourova moeten er "geen zwakke schakels zijn in de EU, waar mensen met de middelen kunnen winkelen voor de aantrekkelijkste aanbiedingen".

De lidstaten zouden de afgelopen tien jaar in totaal zo'n 25 miljard euro hebben verdiend met het aanbieden van verblijfsrechten of burgerschap aan niet-EU-burgers in ruil voor omvangrijke investeringen in onroerend goed of staatsobligaties.

In mei trok het Europees Parlement al aan de bel over de kwestie. Het parlement wil dat Brussel maatregelen treft, maar de Europese Commissie is niet bevoegd om de lidstaten een verbod op dergelijke programma's op te leggen.