Het dodental sinds het begin van de protesten in december vorig jaar in Soedan is opgelopen tot 24, laat het hoofd van het onderzoekscomité van de Soedanese overheid, Amer Ibrahim, zaterdag weten.

De protesten in het Afrikaanse land begonnen op 19 december als gevolg van armoede, inflatie en prijsverhogingen op brood en brandstof, maar zijn inmiddels uitgegroeid tot algemene demonstraties tegen de regering van president Omar Al Bashir.

Volgens Amnesty International zijn er al zeker veertig doden gevallen en raakten meer dan duizend mensen gewond door het gewelddadige optreden van de veiligheidstroepen bij de protesten.

Donderdag zouden de militairen zelfs het vuur hebben geopend op gewonde demonstranten in een ziekenhuis in de hoofdstad Khartoem. De Soedanese autoriteiten hebben aangekondigd dat ze een onderzoek gaan instellen naar het incident.

Inflatie ligt rond de 70 procent

Sinds de afscheiding van Zuid-Soedan in 2011 gaat het slecht met de economie in Soedan. Het Afrikaanse land is afhankelijk van olie, waarvan twee derde van de reserves in Zuid-Soedan ligt. Doordat daar een burgeroorlog wordt uitgevochten, bereiken de voorraden Soedan niet meer zoals afgesproken.

Daarnaast devalueerde de regering het Soedanese pond dit jaar al drie keer, waardoor de inflatie momenteel rond de 70 procent ligt.

De 75-jarige Al Bashir kwam bijna dertig jaar geleden aan de macht door een militaire coup. Hij wordt door het internationale strafhof (ICC) in Den Haag vervolgd voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid in Darfur. In deze regio in het westen van Soedan wordt sinds 2003 een gewapend conflict uitgevochten door de regering en rebellengroepen.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!