Ranil Wickremesinghe is zondag ten overstaan van president Maithripala Sirisena opnieuw beëdigd als premier van Sri Lanka.

Sirisena had Wickremesinghe eind oktober ontslagen en vervangen door oudgediende Mahinda Rajapaksa in afwachting van nieuwe verkiezingen. Ook het kabinet werd naar huis gestuurd.

De eilandstaat raakte vervolgens in een politieke crisis. Door het terughalen van Wickremesinghe, leider van de Verenigde Nationale Partij (UNP), is die crisis mogelijk bezworen.

Rajapaksa stapte zaterdag op om een totale impasse bij de overheid te voorkomen. Enkele weken na zijn aantreden was tegen hem al een motie van wantrouwen aangenomen.

Een UNP-afgevaardigde zei in de media dat er overeenstemming is bereikt over de vorming van een regering met de Singalese nationalisten.

Deze zogenoemde UNF-coalitie trad onder leiding van Wickremesinghe ook al aan na de verkiezingen van 2015.