De Verenigde Staten hebben dinsdag na ruim een eeuw drie kerkklokken teruggegeven aan de Filipijnen. De Amerikanen hadden de 'Klokken van Balangiga' tijdens de koloniale periode uit het land meegenomen. 

De klokken worden beschouwd als symbool van de onafhankelijkheidsstrijd tegen de voormalige koloniale macht. Ze werden met een Amerikaans militair vliegtuig teruggebracht naar Manilla en in ontvangst genomen door vertegenwoordigers van de staat en de katholieke kerk.

De klokken werden in september 1901 gebruikt om een aanval van rebellen tegen de Amerikaanse bezetter in te luiden. Meer dan veertig Amerikaanse militairen werden daarbij gedood.

Als vergelding gaf een Amerikaanse generaal opdracht tot het doden van alle mannelijke parochianen ouder dan tien jaar. Het incident ging de geschiedenis in als het Bloedbad van Balangiga. De klokken werden in datzelfde jaar uit het Aziatische land gehaald.

Tot voor kort waren twee kerkklokken tentoongesteld op een vliegbasis in de Amerikaanse staat Wyoming. De derde was in Zuid-Korea.

De Filipijnen werden in 1946 onafhankelijk. De huidige Amerikaanse ambassadeur op de Filipijnen, Sung Kim, beschreef de terugkeer van de klokken als een symbool van de huidige vriendschap.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!