De Franse regering heeft de gewraakte verhoging van de belasting op benzine en diesel tot na volgend jaar uitgesteld. Eerder verdedigde premier Edouard Philippe in het parlement een uitstel van een half jaar.

De regering van president Emmanuel Macron was aanvankelijk van plan de brandstoffen rond de komende jaarwisseling duurder te maken, als plan om het klimaat en milieu te verbeteren.

De heftige protesten door demonstranten in gele hesjes brachten de Franse regering op andere gedachten. Philippe verklaarde dat de accijnsverhogingen niet zijn opgenomen in de begroting voor 2019.

In oktober betaalden Fransen aan de pomp gemiddeld 1,56 euro voor een liter benzine. Een jaar eerder kostte 1 liter nog 1,24 euro. De literprijs van diesel steeg in dezelfde periode van 1,24 euro naar 1,52 euro.

Demonstraties liepen uit de hand

De protesten tegen de accijnsverhogingen begonnen vorige maand met honderden blokkades vooral op snelwegen, maar liepen afgelopen weekend volledig uit de hand. Alleen al in Parijs raakten tijdens de rellen 133 mensen gewond, onder wie 23 politiemensen.

Ruim vierhonderd mensen werden opgepakt. De beroemde Arc de Triomphe werd beklad met leuzen en aan de binnenkant van de triomfboog werden vernielingen aangericht.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!