De kopstukken van de 'gele hesjes', de geuzennaam van de Franse protestbeweging tegen het duurder maken van diesel en benzine, hebben woensdagavond gezegd niet op korte termijn met premier Édouard Philippe te zullen praten.

De premier had een representatieve delegatie van de zogenoemde 'gilet jaunes' uitgenodigd voor een gesprek. Hij wilde met de kopstukken spreken voor ze zaterdag gaan protesteren.

Mede-initiatiefnemer Éric Drouet, een 33-jarige vrachtwagenchauffeur, acht dat niet opportuun gezien het moment en de afwezigheid van kompanen uit de verschillende regio's.

Hij bevestigde in gesprek met Franceinfo dat de manifestatie op 1 december gewoon doorgaat op de Champs-Elysées, waar het afgelopen weekeinde danig uit de hand liep. Ook woensdag werd her en der in het land gedemonstreerd tegen het Franse energiebeleid.

Drouet werd een dag eerder in gezelschap van Priscillia Ludosky ontvangen op het departement van Milieu door minister François de Rugy, die volgens hem de dialoog al meteen wilde openen. "We hebben een verklaring afgegeven en onze eisen zo'n beetje op tafel gelegd. Het werk laten we nu verder aan de regering over. We kunnen niet onmiddellijk op bezoek komen", aldus Drouet.

Aan het begin van dit jaar werd de dieseltaks in Frankrijk met 7,6 procent verhoogd. President Emmanuel Macron is van plan tot 2022 de belastingen te laten stijgen.