Twee topfunctionarissen van de Rode Khmer zijn vrijdag in Cambodja door de rechter schuldig bevonden aan genocide. De uitspraak komt bijna veertig jaar nadat het regime dat verantwoordelijk was voor miljoenen doden omver werd geworpen.

Een speciale rechtbank in Cambodja bevond de 92-jarige Nuon Chea en de voormalige president Khieu Samphan (87) schuldig aan misdaden tegen de menselijkheid en genocide tegen de Cham-moslims en de Vietnamezen.

Zij zijn de eerste functionarissen van de Rode Khmer ooit die schuldig zijn bevonden aan genocide. Door uithongering, executies en een gebrek aan medische zorg kwamen tussen 1975 tot 1979 naar schatting tussen de 1,7 en 2,2 miljoen Cambodjanen om het leven. Dat was een kwart van de bevolking op dat moment.

Chea en Samphan waren belangrijke leiders tijdens het schrikbewind van Pol Pot. In 2014 bepaalde het Cambodja-tribunaal al dat Chea en Samphan schuldig waren en levenslang de gevangenis in moesten. Ook in hoger beroep hield het vonnis stand.

Samphan en Chea ontkennen misdaden

Samphan speelde tijdens het regime van het Rode Khmer een grote rol in het economische beleid. Daarnaast was hij voorzitter van het staatspresidium. Chea, bijgenaamd 'Broeder nummer 2', was als plaatsvervangend secretaris-generaal van de Rode Khmer de rechterhand van Pot. Hij fungeerde van september 1976 tot 1977 als premier, totdat Pot die functie weer ging vervullen.

Zowel Samphan als Chea heeft de aanklachten altijd ontkend. Beide heren zeiden in 2014 al nooit van de wreedheden op de hoogte te zijn geweest.

De hoogste leider Pot is nooit veroordeeld voor de misdaden. Hij stierf in 1998. Pot streefde naar een extreme vorm van communisme en hoopte een agrarische utopia op te zetten.

In 2001 werd een speciale rechtbank opgericht om daders van het Rode Khmer-regime te vervolgen. Sindsdien zijn meerdere leden van het regime aangeklaagd.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!