Kofi Annan, de voormalige secretaris-generaal van de Verenigde Naties (VN), is zaterdag overleden in een ziekenhuis in zijn Zwitserse woonplaats Bern. De Ghanees, die voor zijn humanitaire werk de Nobelprijs voor de Vrede won, werd tachtig jaar.

De wereld heeft "een groot man, een leider en een visionair verloren", aldus de migratieorganisatie van de VN, die het overlijden van Annan zaterdag bekendmaakte op Twitter.

De huidige VN-secretaris-generaal António Guterres, omschreef Annan als een "leidend licht voor het goede". "Op veel manieren wás Kofi Annan de Verenigde Naties. Hij klom omhoog door de rangen om de organisatie het nieuwe millennium binnen te leiden met ongeëvenaarde waardigheid en vastberadenheid."

Annan overleed in bijzijn van zijn vrouw en drie kinderen na een kort ziekbed, liet zijn gezin weten. Later zal worden bekendgemaakt wanneer herdenkingsdiensten voor Annan gehouden zullen worden.

"Waar lijden en nood was, strekte hij zijn handen uit en raakte hij veel mensen met zijn diepe medeleven en empathie. Hij zette anderen op de eerste plek zonder aan zichzelf te denken en straalde oprechte vriendelijkheid, warmte en vernuft uit bij alles wat hij deed", schreef zijn familie in de verklaring.

Annan was eerste VN-baas uit Sub-Saharaans Afrika

Kofi Annan werd op 8 april 1938 geboren in de Ghanese stad Kumasi. Hij studeerde economie en management in de VS en internationale betrekkingen in Zwitserland.

Annan was van 1997 tot 2006 secretaris-generaal van de VN. Hij was de eerste VN-baas uit Sub-Saharaans Afrika en de eerste die uit de eigen gelederen kwam. Hij werd geroemd om zijn diplomatieke houding, die hij combineerde met een flinke eigenzinnigheid.

Voordat hij de topfunctie van de VN bekleedde, had Annan een lange carrière bij de supranationale organisatie. Hij begon in 1962 bij de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en stond lange tijd aan het hoofd van UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN.

Als secretaris-generaal werd Annan internationaal breed gerespecteerd, maar was hij niet volledig onomstreden. Hij was als hoofd Vredesmissies medeverantwoordelijk voor de mislukte VN-missies in Bosnië en Rwanda. Annan gaf later toe dat hij en zijn staf aanwijzingen hadden genegeerd dat in Rwanda genocide werd voorbereid.

Hij reisde in 1998 zeer tegen de zin van de Verenigde Staten naar Irak om een akkoord over wapeninspecties te sluiten met de toenmalige Iraakse dictator Saddam Hoessein.

Zijn ambtsperiode werd gedomineerd door Irak, maar hij heeft ook veel gedaan voor het door oorlogen, hongersnood, vluchtelingenproblematiek en ziekten geteisterde Afrika.

Ook slaagde Annan erin fondsen bijeen te brengen voor de bestrijding van de aidsepidemie. Het lukte hem veel landen te overtuigen van de grote gevaren van aids en hiv-besmettingen en van de noodzaak om daartegen te strijden. Ook stroomlijnde hij de VN-bureaucratie.

Laatste jaren als secretaris-generaal waren de moeilijkste

Na 2001 liep zijn tot dan toe grotendeels ongeschonden imago echter deuk na deuk op. Interne conflicten en schandalen, onder meer rond de mogelijke rol van zijn zoon Kojo bij fraude met het Iraakse olie-voor-voedselprogramma, leerden hem dat roem vergankelijk is. Van veelgeprezen hervormer werd hij het middelpunt van alles wat fout ging bij de VN.

Vooral zijn afhandeling van de affaire rond UNHCR-topman Ruud Lubbers, die van seksuele intimidatie beticht werd, viel slecht bij de VN-staf, bij wie Annan zo geliefd was. Annan sprak Lubbers vrij op grond van een intern rapport, maar de Nederlander moest toch vertrekken toen dat verslag uitlekte.

Hoewel de VN-medewerkers hem bleven steunen, leidden de affaires rondom Annan wel tot een resolutie waarin scherpe kritiek werd geuit op het hoger management van de volkerenorganisatie.

Tijdens zijn carrière woonde Annan onder meer in Addis Abeba, Caïro en Genève. 

Annan won Vredesprijs voor streven naar een vreedzame wereld

Annan en de VN wonnen de Nobelprijs voor de Vrede in 2001, voor het algehele streven naar "een beter georganiseerde en vreedzame wereld". Volgens het Nobelcomité had hij "de VN nieuw leven ingeblazen, nieuwe uitdagingen aangepakt, zoals hiv/aids en internationaal terrorisme, en gezorgd voor een doelmatiger gebruik van het bescheiden budget". 

Na zijn werk voor de VN bleef hij actief strijden voor een vreedzame wereld. Zo was hij voorzitter van The Elders ('De Ouderlingen'), een groep wereldleiders die zich hardmaakt voor vrede en mensenrechten.

In 2012 was hij ook actief als speciaal VN-gezant voor Syrië. Annan legde die functie neer uit onvrede over het gebrek aan voortgang bij de onderhandelingen om dat conflict tot een einde te brengen.