Een Turkse rechtbank heeft geweigerd het huisarrest van de Amerikaanse predikant Andrew Brunson in te trekken. Het verzoek wordt nu voorgelegd aan een hogere rechtbank, schrijft de krant Hürriyet.

De vervolging van Brunson is een belangrijk pijnpunt in de relatie tussen Turkije en de Verenigde Staten, twee NAVO-bondgenoten.

De VS heeft vanwege het gevangenschap van de predikant sancties aan twee Turkse ministers opgelegd. De landen bestoken elkaar inmiddels ook met handelsmaatregelen.

De Turkse autoriteiten beschuldigen de geestelijke onder meer van steun aan een terreurorganisatie. Hij zou betrokken zijn geweest bij de organisatie van de Turkse geestelijke Fethullah Gülen, die er door Ankara van verdacht wordt de mislukte coup in 2016 georganiseerd te hebben.

Brunson werd vorige maand onder huisarrest geplaatst, nadat hij zo'n anderhalf jaar in detentie had doorgebracht. De VS vindt dat onvoldoende en eist dat hij wordt vrijgelaten.

Amerikanen weigeren Gülen uit te leveren

De Amerikaanse nationale veiligheidsadviseur John Bolton sprak woensdag met de Turkse ambassadeur in de VS over de kwestie-Brunson. Het is niet duidelijk of dat gesprek iets heeft opgeleverd.

Op haar beurt eist de Turkse regering dat de VS Gülen uitlevert. De Turkse geestelijke verblijft in de Amerikaanse staat Pennsylvania. De Amerikaanse regering weigert dat verzoek, omdat de Turken niet genoeg bewijzen tegen Gülen zouden hebben geleverd.