Het vaccinatieprogramma tegen de laatste uitbraak van ebola in de Democratische Republiek Congo kan woensdag al beginnen, zo heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) dinsdag bevestigd.

Als eersten zullen medische hulpverleners worden ingeënt. Daarna komen de ongeveer negenhonderd mensen die als risicogroep zijn aangemerkt aan de beurt.

Het virus stak ditmaal de kop op in de noordoostelijke provincie Kivu, een roerige streek nabij de grens met Oeganda en Rwanda. Er zijn tot dusver 43 vermoedelijke besmettingsgevallen geconstateerd, onder wie 36 patiënten die al zijn bezweken.

Bovendien zijn er nog 46 verdachte gevallen gemeld, waarvan ruim de helft in Beni. Dat is een belangrijke handelsstad met 100.000 inwoners en een groot achterland.

Geen verband met epidemie eerder dit jaar

Het gaat volgens WHO-directeur Peter Salama ook nu om de Zaïre-stam van de gevreesde ziekteverwekker, maar er is geen verband met de ebola-epidemie van eerder dit jaar, 2.500 kilometer westelijker. Ook deze eiste meer dan dertig levens en werd onder controle gebracht met onder meer een experimenteel vaccin.

Vorige week waarschuwde de WHO nog voor een mogelijk gebrek aan vaccins in Congo.

De eerste symptomen van ebola zijn koorts, spierpijn, hoofdpijn en keelpijn, waarna uitslag, braken, diarree en nier- en leverfalen volgen. In sommige gevallen krijgen besmette patiënten last van inwendige en uitwendige bloedingen.