Britse inlichtingendiensten zijn na de aanslagen van 11 september 2001 in de Verenigde Staten betrokken geweest bij martelingen en ontvoeringen van verdachte terroristen. Dat concludeert het Britse parlementaire inlichtingencomité donderdag in twee rapporten.

"Het Verenigd Koninkrijk heeft wat ons betreft acties getolereerd en ondernomen die onvergeeflijk zijn", schrijft het comité. Er is volgens de rapporten geen bewijs dat agenten zelf gevangenen fysiek hebben mishandeld. 

Wel beschrijven de rapporten volgens The Guardian dertien gevallen waarbij Britse agenten getuige waren van de mishandeling van gevangenen. Ook zijn er 25 voorvallen aan het licht gekomen waarbij gevangenen agenten op de hoogte stelden van de mishandelingen. Tevens hebben buitenlandse relaties de inlichtingendiensten 128 keer geïnformeerd over de mishandelingen.

Het inlichtingencomité ontkent dat de Britse inlichtingendiensten opzettelijk berichten hebben genegeerd over de mishandeling van verdachten door de Verenigde Staten.

Terughalen

Het comité vond 232 zaken waarin Brits personeel inlichtingen bleef sturen aan andere diensten, terwijl de medewerkers wisten dat er sprake was van mishandeling.

Ook zijn bijna dertig zaken aan het licht gekomen waarbij de inlichtingendiensten een zogeheten terughaalactie voorstelden of planden. Hiermee wordt een ontvoering of buitengerechtelijke overdracht van een verdachte bedoeld, uitgevoerd door een regering. Er zijn drie gevallen aangetoond waarbij de diensten bereid waren om te betalen voor een terughaalactie. 

Het eerste rapport gaat in op de mishandeling van gevangenen tussen 2001 en 2010, het tweede rapport gaat in op de huidige problemen. Het inlichtingencomité spreekt zich in beide rapporten kritisch uit. 

De Britse regering kwam in 2009 met beleid over de behandeling van buitenlandse gevangenen. Hierover concludeert het rapport dat de Britse overheid "verrassend weinig heeft ondernomen om de naleving van dit beleid te evalueren over de laatste zeven jaar".

May

De Britse inlichtingendiensten hebben niet gereageerd op de rapporten en schuiven dit volgens The Guardian door naar de Britse regering. Premier Theresa May heeft wel gereageerd op de publicaties.

"We moeten trots zijn op de verrichtingen van onze inlichtingendiensten, die vaak in de zwaarste omstandigheden opereren", schrijft May. "Ze dienen echter wel aan de hoogste standaarden te voldoen." In haar verklaring gaat de Britse premier niet in op de schending van het internationale verbod op marteling.

Het onderzoek werd gedaan op verzoek van toenmalig premier David Cameron in 2010. Eerder verscheen al een tussentijds rapport, gemaakt door een voormalige rechter. Het onderzoek werd uiteindelijk vanwege het grote aantal onbeantwoorde vragen doorgeschoven naar het inlichtingencomité.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!