President Haïti noemt misbruik medewerkers Oxfam 'slechts topje van ijsberg'

President Jovenel Moise van Haïti stelt dat het seksuele wangedrag door medewerkers van hulporganisatie Oxfam op het eiland slechts het "topje van de ijsberg is". Hij wil dat ook Artsen Zonder Grenzen en andere organisaties onderzoek doen naar mogelijk misbruik door medewerkers.

Het misbruik door medewerkers van andere organisaties zou ook hebben plaatsgevonden tijdens de hulpwerkzaamheden na de grote aardbeving die zijn eiland in 2010 trof.

"Er moet een groot onderzoek komen naar andere organisaties die hier zijn geweest", bepleit Moise. "Artsen zonder Grenzen heeft zeventien medewerkers gerepatrieerd vanwege wangedrag. Wij hebben daar nooit uitleg over gekregen."

Het hoofdkantoor van Artsen zonder Grenzen in Geneve laat weten de aantijgingen van president Moise te bekijken. De zegsvrouw voegt daar aan toe geen enkel seksueel wangedrag van medewerkers te tolereren.

Integriteit

Oxfam International, waarvan het Nederlandse Oxfam Novib deel uitmaakt, stelt een onafhankelijke commissie in die onderzoek gaat doen naar gevallen van misbruik en wangedrag binnen Oxfam wereldwijd. 

De organisatie besloot dit na seksueel wangedrag van Oxfam-medewerkers op Haïti in 2010, waar een aardbeving duizenden slachtoffers had gemaakt. Ook in Tsjaad in 2006 zouden medewerkers van Oxfam gebruik gemaakt hebben van diensten van jonge prostituees.

De onderzoekscommissie is onderdeel van een uitgebreid actieplan om Oxfam’s integriteitsbeleid drastisch te versterken en misbruik tegen te gaan. Eén van de Britse bazen van Oxfam heeft ontslag genomen na de onthullingen.

Eerdere signalen

Hulporganisaties, waaronder Oxfam, werden tien jaar geleden al gewaarschuwd dat kinderen seksueel werden misbruikt op Haïti. Kinderen van nog geen zeven jaar kregen voedsel en andere hulpmiddelen in ruil voor seks, meldt de Britse krant The Independent uit een rapport van Save the Children.

Het rapport uit 2007 meldt grootschalig misbruik tijdens 23 hulp-, vredes- en veiligheidsoperaties in Haïti, Ivoorkust en het toenmalige zuidelijk Sudan. Het zou gaan om ''elke vorm van seksueel kindermisbruik dat voorstelbaar is'', waaronder verkrachting, prostitutie, pornografie, seksuele slavernij en mensenhandel.

De kinderen deden geen aangifte, omdat ze niet wisten waar ze heen konden of omdat ze de autoriteiten wantrouwden.

Lees meer over:
Tip de redactie