Het Argentijnse Openbaar Ministerie (OM) tekent beroep aan tegen de vrijspraak van oud-piloot Julio Poch. Dat heeft aanklager Abel Cordoba gezegd tegen de NOS. Hij verwacht dat een hogere rechter de zaak op z'n vroegst over anderhalf jaar zal behandelen.

''We vertrouwen op de kwaliteit van de aanklacht en de bewijzen. Dit oordeel moet nader bekeken worden'', zegt Cordoba. Dat de rechters unaniem waren in hun oordeel dat er te weinig bewijs was tegen Poch, is volgens hem juist een reden om in beroep te gaan.

Of de voormalige Transavia-vlieger mag terugkeren naar Nederland, is afhankelijk van eventuele voorwaarden van de Argentijnse rechter, zegt de aanklager. ''Maar in principe mag dat.'' 

Het OM had levenslang tegen de Argentijnse Nederlander geëist voor betrokkenheid bij zogeheten dodenvluchten, waarbij tegenstanders van de militaire dictatuur (1976-1983) uit vliegtuigen werden gegooid. De rechter sprak hem woensdag vrij.

De advocaat van Poch, Geert-Jan Knoops, was op de vroege vrijdagmorgen niet bereikbaar voor een reactie op het besluit van het Argentijnse OM.

Arrestatie

Poch werd in 2009 in Valencia opgepakt en door de Spaanse autoriteiten aan Argentinië uitgeleverd. Nederland heeft in tegenstelling tot Spanje geen uitleveringsverdrag met Argentinië, daarom werd hij in Spanje opgepakt. Poch had die dag zijn laatste vlucht als piloot van Transavia, voordat hij met pensioen zou gaan. 

De arrestatie volgde nadat collega's jaren eerder tijdens een etentje met Poch de indruk kregen dat hij betrokken zou zijn geweest bij de dodenvluchten. Zij sloegen daarop alarm. 

Hoewel Poch onschuldig is bevonden, kregen andere verdachten wel lange celstraffen opgelegd voor uiteenlopende misdaden waaronder betrokkenheid bij de dodenvluchten. In totaal kregen 29 verdachten levenslang. Zes verdachten werden vrijgesproken.