De Amerikaanse minister van Energie, Rick Perry, heeft forse kritiek gekregen nadat hij beweerde dat uitbreiding van het gebruik van fossiele brandstoffen in Afrika seksueel geweld kan helpen tegengaan. Milieuactivisten roepen hem op zijn functie neer te leggen te staan.

Perry deed de uitspraak toen hij sprak over het bezoek dat hij vorige week bracht aan Zuid-Afrika. 

Volgens de oud-gouverneur van Texas, die bekendstaat als een fervent voorvechter van de fossiele brandstofindustrie, raakte hij daar in gesprek met een jonge dorpbewoonster. Zij zou hebben gezegd dat electriciteit niet alleen belangrijk voor haar is omdat ze dan niet meer bij het licht en in de rook van een kookvuur hoeft te lezen, maar ook omdat het seksueel geweld zou tegengaan. 

"Als de lichten aan zijn, als je licht hebt, schijnt dat de gerechtigheid, zo u wilt, op dat type handelingen", zei de Republikeinse politicus. "Als je kijkt naar hoe je de levens van mensen echt kan veranderen, gaan fossiele brandstoffen daar een rol in spelen."

Bagatelliseren

De Sierra Club, een milieugroep die campagne voert voor het gebruik van zonne- en windenergie, riep Perry op om zijn functie neer te leggen. "Suggereren dat het ontwikkelen van fossiele brandstoffen seksueel geweld zal verminderen is niet alleen een duidelijke onwaarheid, maar ook een onverteerbare poging om een ernstig en wijdverbreid probleem te bagatelliseren", aldus directeur Michael Brune.

Zuid-Afrika gebruikte vorig jaar voor slechts 2 procent van de energiebehoefte van het land stroom die was opgewekt uit duurzame bronnen, blijkt uit cijfers van het onafhankelijke statistiekbureau van het Amerikaanse ministerie voor Energie. Steenkool werd het meest gebruikt (70 procent), gevolgd door olie (22 procent) en aardgas (4 procent).