De verkiezingen voor een raad die de grondwet moet hervormen in Venezuela zijn zondag onrustig verlopen. Bij gevechten tussen demonstranten en de politie vielen doden en de opkomst lijkt extreem laag te zijn geweest.

Bijna twintig miljoen Venezolanen mochten zondag stemmen op kandidaten voor een raad van 545 leden. President Nicolás Maduro wil dat die het politieke stelsel met een grondwet hervormt. Zijn doel is aan de macht blijven. Hij verloor twee jaar terug de meerderheid in het parlement.

De verkiezingsdag verliep onrustig en kiezers leken de stemlokalen te mijden. Volgens de officiële telling was het opkomstpercentage 41,5 procent, maar de oppositie schat dat maar de helft van dat aantal kiezers kwam stemmen.

Ondanks een vrijdag ingesteld demonstratieverbod botsten betogers op meerdere plaatsen met de politie. Daarbij werden onder andere geïmproviseerde vuurwapens gebruikt. In enkele gevallen schoten de veiligheidsdiensten ook met scherp.

Volgens de autoriteiten zijn er bij de ongeregeldheden op de verkiezingsdag tien mensen om het leven gekomen. De oppositie spreekt van zestien dodelijke slachtoffers. De burgemeester van de hoofdstad Caracas, waar veel van de gevechten plaatsvonden, ontkent dat er doden zijn gevallen. Hij staat te boek als een voorstander van Maduro.

Onbekenden schoten in de nacht van zaterdag op zodag de regeringsgetrouwe kandidaat José Félix Pineda (39) dood in zijn woning in deelstaat Bolívar, meldde de Venezolaanse justitie zondag.

Boycot

De verkiezingen werden geboycot door de oppositie, die de stembusgang zien als een truc om het parlement verder buitenspel te zetten. Kiezers konden niet voor of tegen de raad stemmen: ze konden alleen een stem uitbrengen op overwegend regeringsgetrouwe kandidaten. De echtgenote en zoon van Maduro stonden ook op de kieslijst.

De VN-ambassadeur van de Verenigde Staten, Nikki Haley, noemde de verkiezingen zondag op Twitter "een stap richting dictatuur" en een "schijnvertoning". "We zullen een niet legitieme regering niet accepteren. Het Venezolaanse volk en de democratie zullen zegevieren."

De Amerikaanse overheid heeft ook het geweld tegen demonstranten veroordeeld en zegt zich te beraden op oliesancties en andere maatregelen. De Venezolaanse economie is voor 95 procent afhankelijk van de olie-export. De VS is met afstand de grootste klant.

Demonstraties

Aan de stembusgang gingen maanden aan demonstraties tegen de regering vooraf, waarbij zeker 115 mensen om het leven kwamen.

Vanwege de politieke onrust vliegen luchtvaartmaatschappijen Air France en Iberia de komende dagen niet naar het Zuid-Amerikaanse land. Andere maatschappijen besloten al eerder om alle vluchten naar Venezuela voor onbepaalde tijd te schrappen.