De veiligheidsdiensten in Kameroen hebben zich schuldig gemaakt aan martelpraktijken tegen mensen die verdacht worden van banden met de islamitische terreurgroep Boko Haram. 

Amnesty International, dat donderdag een rapport heeft uitgebracht, stelt dat meerdere gevangenen tussen 2013 en 2017 daardoor zijn gestorven.

De martelingen, waaronder waterboarding, vonden volgens de mensenrechtenorganisatie plaats op een militaire basis die ook gebruikt wordt door het Amerikaanse en Franse leger.

Ook werden verdachten zonder bewijs gevangen gehouden. Amnesty International spreekt van ten minste 101 gevallen waarbij sprake was van marteling en gevangenneming waarbij alle contact met de buitenwereld werd onthouden. Onder de slachtoffers zijn vrouwen en kinderen.

De strijd tussen Kameroen en Boko Haram heeft aan zeker vijftienhonderd burgers het leven gekost. De terreurorganisatie uit Nigeria is sinds 2014 verbonden met Islamitische Staat.