Het Britse Hogerhuis heeft woensdag van premier Theresa May geëist om de Brexit-plannen aan te passen. May mag de onderhandelingen met de EU over de Britse uittreding van de Lords alleen beginnen als zij belooft de rechten van EU-burgers te zullen beschermen.

Het Hogerhuis stemde met 358 tegen 256 stemmen voor een aanpassing aan de wet die May de bevoegdheid geeft om de juridische processen te starten die benodigd zijn voor de Britse uittreding uit de Unie. De aanpassing verplicht de regering ertoe om binnen drie maanden na het in gang zetten van die procedures van met plannen te komen voor de bescherming van EU-burgers die momenteel in Groot-Brittannië wonen. 

"We zijn teleurgesteld dat de Lords ervoor hebben gekozen een wet aan te passen die zonder aanpassing werd aangenomen door het Lagerhuis", zei een woordvoerder voor het Brexit-ministerie woensdag in een verklaring. "Ons standpunt ten opzichte van EU-burgers is herhaaldelijk duidelijk gemaakt. We willen de rechten van EU-burgers die al in Groot-Brittannië wonen en de rechten van Britten die in andere lidstaten wonen zo snel mogelijk garanderen."

De Conservatieven van May hebben geen meerderheid in het Hogerhuis, maar wel in het Lagerhuis. Volgens bronnen binnen de regering wordt overwogen het besluit in het Lagerhuis aan te vechten.

Na vandaag is het hoe dan ook waarschijnlijk dat de onderhandelingen over de Brexit pas zullen beginnen na eind maart, later dan door May was beloofd.