Israëlische veiligheidstroepen zijn woensdag begonnen met de ontruiming van de nederzetting Amona in Palestijns gebied op de Westelijke Jordaanoever.

In de nacht van dinsdag op woensdag verliep een ultimatum dat het leger de ongeveer 280 inwoners van de nederzetting had gegeven om de plek te verlaten. De nederzetting is zonder toestemming van de Israëlische staat opgericht door kolonisten.

De inwoners lieten zich woensdag niet zonder slag of stoot verdrijven. Toen honderden veiligheidstroepen richting de nederzetting liepen, werden zij door jongeren bekogeld met stenen en werden de straten naar de nederzetting gebarricadeerd met brandende autobanden.

De politie hield verscheidene demonstranten aan. Een woordvoerder van de politie meldde dat ten minste tien agenten lichtgewond raakten.

De kolonisten zelf bleven grotendeels in hun huizen tijdens de ontruiming. Honderden sympathisanten hebben zich samen met de inwoners verschanst in de huizen van Amona. "We zullen niet uit onszelf vertrekken. Trek ons eruit, dan zullen we gaan", zei een kolonist. "Het is een zwarte dag voor het Zionisme."

'Triest'

De hoogste rechter in Israël heeft bepaald dat de nederzetting voor 8 februari ontruimd moet zijn. De grond waarop Amona illegaal is gebouwd is namelijk privébezit van Palestijnen.

"Dit is een moeilijke en trieste dag voor het volk van Israël", reageert de minister van Openbare Veiligheid Gilad Erdan, meldt Haaretz. Toch roept hij de inwoners van Amona op de politie en veiligheidsdiensten hun werk te laten doen.